l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal receptie (alle locaties)

0341 - 463911

Afsprakenbureau 

0341 - 463890

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8:30 - 16:30 uur)

0341 - 463700

Vragen over?


Heeft u een klachtKlik dan hier.

Of compliment? Klik dan hier.


Bent u van de PERS en heeft u een vraag? Klik dan hier.

Medische hulp buiten kantoortijden

Spoedpost Harderwijk  

 

085 - 773 73 71

 

 

www.spoedpostharderwijk.nl

Huisartsenpost Lelystad  

 

0900 - 333 6 333

 

 

www.medrie.nl

Bij levensbedreigende spoed:

 

112

VlagB
Folders

Galblaas (operatie)

Versienr: 4
Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      In deze folder leest u de belangrijkste informatie over de galblaas en de galblaasoperatie. 



      Figuur 1: Lever met galblaas 

       

      De galblaas 

      De galblaas is een klein, peervormig zakje. Het ligt rechtsboven in de buik, aan de onderkant van de lever. In de galblaas zit galvloeistof. De lever maakt steeds galvloeistof aan. Via de galwegen komt de galvloeistof in de galblaas. 

      Wanneer vet eten de maag uit gaat, trekt de galblaas samen. Hierdoor komt er galvloeistof in de twaalfvingerige darm. De galvloeistof helpt bij het verteren van vetten. 

      Is de galblaas verwijderd? Dan nemen de lever en de galgangen deze functie over. De galblaas is alleen een opslagorgaan. 

       

       

      Figuur 2: Schematische weergave van de lever,  de galblaas en de galwegen. 

       

      Wat doet de galvloeistof? 

      Gal is een vloeistof die belangrijk is voor het verteren van vetten. Het is een dikke geelgroene vloeistof. In galvloeistof zitten, behalve water en slijm, een aantal belangrijke stoffen: 

      • Galzouten. Deze verdelen vetten in de dunne darm in hele kleine druppeltjes. Dit heet emulgeren. Hierdoor werken vetverterende enzymen beter op het vet. 
      • Galkleurstof (bilirubine). Dit ontstaat in de lever bij de afbraak van de rode bloedcellen. Galkleurstof geeft poep zijn donkerbruine kleur. Kan galkleurstof niet meer uit de galblaas en/of lever weglopen? Dan kleuren de huid en het oogwit geel. Poep kan dan de grauwe kleur van stopverf krijgen. 
      • Cholesterol. Dit is een bouwstof voor het lichaam. Is er een teveel aan cholesterol in het lichaam? Dan wordt het via de galvloeistof uitgescheiden. 

       

      Een volwassene maakt ongeveer 500 tot 800 milliliter galvloeistof aan op een dag. Een mens kan goed zonder galblaas leven. Dit komt omdat de lever de galvloeistof maakt. De galvloeistof gaat dan gelijk naar de dunne darm. 

       

      Galstenen

      De meest voorkomende ziekte van de galblaas is de vorming van galstenen. Galstenen geven niet altijd klachten. Geven galstenen wel klachten? Dan is het weghalen van de galblaas (cholecystectomie) nodig. Ook bij een ontstoken galblaas kan een operatie nodig zijn.
      Iedereen kan problemen aan de galblaas krijgen. Mensen met overgewicht hebben meer risico. Dat geldt ook voor vrouwen tussen 35 en 55 jaar. 

       

      Hoe ontstaan galstenen? 

      Het is onduidelijk hoe galstenen precies ontstaan. Wel is duidelijk dat de galvloeistof iets teveel indikt. Er ontstaan dan kleine cholesterolkristallen. Deze gaan samenklonteren en vormen steentjes. Deze steentjes hoeven geen klachten te geven.

      Wanneer kunnen cholesterolgalstenen ontstaan? In situaties waarbij de lever meer cholesterol moet maken. Voorbeelden hiervan zijn:

      • Overgewicht 
      • Snel afvallen 
      • Vrouwelijke hormonen en gebruik van de anticonceptie-pil 

       

      Galstenen komen bij vrouwen twee keer zo vaak voor als bij mannen. 

       

       

       

      Figuur 3: Overzicht van galblaas en galwegen met galstenen

       

      Wanneer geven galstenen klachten?

      Als een galsteen klem komt te zitten, ontstaan er klachten. De galvloeistof kan dan niet meer goed blijven stromen. Het lichaam probeert de afsluiting te stoppen door samentrekkingen van de galblaas. Dit kan heftige pijnen rechts in de bovenbuik geven. Dit heet koliekpijn. De pijn kan één tot vier uur duren. Daarna verdwijnt de pijn langzaam. Misselijkheid en overgeven komt vaak voor. De aanvallen komen eerder na het gebruiken van vet eten. 

       

      Andere klachten kunnen zijn: 

      • Een vol gevoel hebben 
      • Boeren 
      • Winderigheid 
      • Vet eten niet kunnen accepteren 

       

      Galstenen kunnen een ontsteking van de galblaas veroorzaken. Hierdoor kan iemand in korte tijd flink ziek worden (acute cholecystitis). 

      Klachten kunnen ook lange tijd bestaan. Ze zijn dan minder pijnlijk (chronische cholecystitis). 

      Ook kan een steen vanuit de galblaas de galweg  verstoppen. De gal kan dan niet weglopen, waardoor geelzucht ontstaat. Door de verstopping kunnen de galwegen ontstoken raken. (cholangitis).
       
      Zijn de galweg én de afvoergang van de alvleesklier tegelijk afgesloten? Dan kan een ontsteking van de alvleesklier optreden (pancreatitis). Voor meer informatie hierover, zie de folder ‘acute pancreatitis’. 

       

      Galwegstenen

      Zitten er nog galstenen in de galwegen? Dan worden deze geopend om de stenen te verwijderen. De galwegen worden daarna weer gesloten. Er blijft een dunne drain achter in de galwegen. Deze komt door de buikwand naar buiten. Hierdoor kan de gal weglopen. Dit voorkomt een te hoge druk in de galwegen na de operatie. Meestal blijft er ook een wonddrain achter in de buik.  

       

      Diagnose en onderzoeken van gal(weg)stenen

      De arts kan meestal de diagnose stellen via de kenmerkende klachten (galkoliek). Ook een echografie geeft duidelijkheid. Door het gebruik van geluidsgolven zijn de stenen te zien.
      Een ERCP-onderzoek kan ook galstenen in de galwegen laten zien. Soms kunnen de stenen verwijderd worden tijdens het onderzoek.

       

      Welke behandelingen zijn er mogelijk?

      1. Voedingsadviezen om klachten en het opnieuw optreden van galstenen te voorkomen:

        • Gebruik een gezonde en steeds verschillende voeding.

        • Gebruik zo weinig mogelijk vet in het eten.

        • Gebruik een vezelrijke voeding.

        • Bij overgewicht is het verstandig om langzaam af te vallen.

        • Verdeel het eten goed over de dag.

        • Eet iets voor het slapen gaan. De gal blijft hierdoor in beweging.

        • Eet geen voedsel dat niet goed valt. Bijvoorbeeld: koffie, eigeel, spinazie, alcohol, chocola en chocolaproducten.

         

      2. Chirurgische behandeling: de laparoscopische of de klassieke cholecystectomie.

       

      1. Endoscopisch met een ERCP
        Een endoscoop is een flexibele slang. Hier zit een minuscuul lampje en cameraatje aan vast. Via de endoscoop kan de arts kleine instrumenten opschuiven. De slang gaat naar de twaalfvingerige darm. Dit gaat via de mond, de slokdarm en de maag. De arts zoekt de uitmonding van de galweg op. Daarna spuit hij contrastvloeistof in de galweg. Hierdoor zijn de galwegen en galstenen te zien op röntgenbeelden. De arts verwijdert met een klein grijpertje de galstenen uit de galwegen. Het voordeel van deze manier is dat er geen operatie nodig is. Deze behandelingsmethode is niet altijd mogelijk. Bijvoorbeeld als er galstenen in de galblaas zitten.

       

      1. Medicijnen
        Soms geeft de arts liever medicijnen die kleine steentjes kunnen oplossen. Dit werkt niet altijd. De kans dat de galstenen terugkomen is groot. 

       

      Galblaasoperatie (cholecystectomie)

      Let op: gebruikt u bloedverdunners? Meld dit aan uw chirurg! De chirurg zal u adviseren over het stoppen of doorgebruiken van de bloedverdunners. 

       

      Nuchterbeleid

      Zes uur voor deze operatie mag u niet meer eten en drinken. Het opnamebureau vertelt u hoe laat uw operatie is. 

       

      Er zijn twee chirurgische behandelingen:

       

      Kijkoperatie (laparoscopie)

      Meestal verwijdert de chirurg de galblaas via een laparoscopie. Dit betekent door middel van een kijkoperatie. De operatie vindt plaats onder algehele narcose. Het hele lichaam is dan verdoofd. U wordt kunstmatig in slaap gehouden.  

       

      Een laparoscoop is een lange rechte buis. Hier zit een kleine videocamera in en een lichtbron. De buik wordt eerst opgevuld met kooldioxide, een onschuldig gas. De chirurg heeft hierdoor meer ruimte en kan alles beter zien. Dit gas kan het middenrif een beetje prikkelen. U kunt last krijgen van een gevoelige schouder. Deze klachten verdwijnen na een paar dagen vanzelf. 

       

      Via een kleine snee bij de navel gaat de laparoscoop de buik in. De arts kijkt in de buik via een videomonitor. Daarna worden de andere openingen in de buikwand gemaakt. Deze gebruikt de chirurg voor het werken met kleine instrumenten. De galblaas wordt losgemaakt en verwijderd door één van de gaatjes. Soms wordt een wonddrain achtergelaten. 

      De galblaas wordt niet opgestuurd voor pathologisch onderzoek. Dit gebeurt alleen als de chirurg dat nodig vindt. De galstenen krijgt u mee als dit mogelijk is. 

       

      Soms blijkt laparoscopische verwijdering niet mogelijk. Voorbeelden zijn: 

      • Een ernstig ontstoken galblaas.

      • Teveel littekenverklevingen in de omgeving van de galblaas. Bijvoorbeeld door eerdere operaties of ontstekingen. 

      Dit kan alleen worden ontdekt als de operatie al is begonnen. Houd er rekening mee dat u toch een klassieke operatie krijgt. Die kans is in het St Jansdal ziekenhuis ongeveer vijf procent. 

       

      Wat zijn de voordelen van een laparoscopie? 

      • Er is geen grote snee in de buik nodig. 
      • Er is minder risico op trombose en op wondinfecties. 
      • Het is minder pijnlijk. 
      • Het herstel verloopt sneller. 

       

      De klassieke cholecystectomie

      De chirurg maakt een snee van maximaal vijftien centimeter. Deze komt middenin in de bovenbuik of aan de rechterkant onder de ribbenboog. 

      Moeten ook de galwegen worden geopend? Dan wordt een wonddrain achtergelaten. De gal kan hierdoor naar buiten lopen. Dit voorkomt een te hoge druk in de galwegen na de operatie. 

       

      Wat zijn de nadelen van een klassieke operatie? 

      • De opnameduur is langer door de grote buikwond. 
      • Het is pijnlijker. 
      • Er is meer risico op (onverwachte) gevolgen. 
      • Het herstel gaat langzamer. 

       

      De chirurg

      De chirurg van de polikliniek is niet altijd de persoon die opereert. Als u wilt kunt u kennismaken in de voorbereidingsruimte van de operatiekamer. U kunt de operateur dan spreken of vragen stellen.

       

      Fit de operatie in

      Wat kunt u doen om de operatie voor te bereiden? U kunt alvast oefeningen doen die na de operatie belangrijk zijn. 

       

      Deze oefeningen hebben te maken met de ademhaling en de conditie. 

       

      De ademhaling
      De galblaas zit dicht bij het middenrif. Het middenrif is belangrijk voor de ademhaling. De anesthesist plaatst een buisje in de keel tijdens de operatie. U kan hierdoor last krijgen van uw keel en luchtwegen. Train daarom uw ademhaling voor de operatie. Doe dit een paar keer op een dag. Neem hiervoor een paar minuten de tijd. Doe de oefeningen drie keer achter elkaar.

      • Buikflank ademhaling
        Leg de handen op de buik bij het middenrif. Blaas rustig uit.
        Adem rustig in. Probeer te voelen of de buik en de flank meedoen. Blaas weer uit. 
      • Pursed Lips Breathing
        Adem kort door uw neus in. Blaas daarna rustig en lang door de mond uit. Doe dit met getuite lippen. 
      • Ondersteunend hoesten
        Steun het rechter buikgedeelte met een handdoekje of kussentje. Vergeet nooit in te ademen! Hoesten voorkomt u door de oefeningen hierboven regelmatig te doen. Ook als u dreigt te gaan hoesten kunt u ‘Pursed Lips Breathing’ doen. 
      • Roken
        Rokers hebben meer ademhalingsproblemen rondom een operatie dan niet-rokers. Rook niet op de dag van de operatie.  Dit voorkomt hoesten door irritatie van de longen.  

       

      De conditie
      Hoe beter uw conditie is, des te sneller u herstelt. Bij pijn in de buik stopt u natuurlijk met de oefeningen. 

      • Bent u van uzelf niet erg actief?
        Fiets of wandel een kwartier. Doe dit twee tot vier keer op een dag. 
      • De gemiddelde sportief bewegende mens
        Ga door met uw activiteiten. Breid als het kan nog wat uit. 
      • De sporter
        Ga rustig door met uw sportactiviteiten. Overdrijf niet en stop bij pijn. 

       

      Mogelijke complicaties

      Elke operatie heeft risico’s. Algemene complicaties na deze operatie kunnen zijn: 

      • Nabloeding 
      • Wondinfectie 
      • Trombose 
      • Longontsteking 

       

      Na een galblaasoperatie kan de volgende specifieke complicatie ontstaan: beschadiging van de galwegen. Dit gebeurt gelukkig bijna nooit. De kans hierop is bij de laparoscopische galblaasoperatie ongeveer 1%. De gevolgen hangen af van de schade en de tijd waarop het wordt gemerkt. Een hersteloperatie kan nodig zijn. 

       

      Na de operatie

      De wondjes zijn een paar dagen gevoelig. Dit voelt u bij bewegen en / of diep ademhalen en hoesten. U zult wat meer moe zijn dan u gewend bent. 

      Het herstel van uw normale activiteit duurt een paar dagen tot een week. 

      Wees voorzichtig met bewegen en activiteit. Doe het rustig aan. U zult merken dat u langzaam meer aankunt. Luister naar uw lichaam! Bouw het sporten rustig op.   

       

      Ontslag uit het ziekenhuis

      Hebt u een laparoscopische galblaasoperatie gehad? Dan kunt u over het algemeen dezelfde dag weer naar huis. 

      Hebt u een klassieke galblaasoperatie gehad? Dan kunt u één tot vier dagen erna weer naar huis. 

      De hechtingen lossen vanzelf op. Zijn de hechtingen na 14 dagen nog niet opgelost? Dan kunt u deze bij de huisarts laten verwijderen.  

       

      Adviezen voor thuis

      • Na korte tijd kunt u weer doen wat u gewend was. Houd rekening met wat vermoeidheid. Dit wordt vaak onderschat. Hulp van uw directe omgeving kan fijn zijn. U zult snel merken dat u steeds meer aankunt. 
      • De wond heeft geen speciale verzorging nodig. 
      • De dag na de operatie mag u weer douchen. 
      • U hoeft geen dieet te volgen. Probeer steeds meer uit welk eten u kunt verdragen. Heeft u klachten na gebruik van sommige voedingsmiddelen? Laat deze dan weg en probeer het later nog eens. Na korte tijd kunt u weer eten wat u gewend was. 
      • Pak uw normale activiteiten weer op als u zich weer goed en sterk voelt. 

       

      Wanneer kunt u weer werken? 

      • Ongeveer twee weken na een laparoscopische galblaasoperatie.  
      • Na een klassieke galblaasoperatie duurt het herstel langer. 
      • Het soort werk speelt ook een rol bij werkhervatting. 

       

      Vragen

      Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan gerust contact met ons op. We zijn via de telefoon bereikbaar op elke werkdag. U kunt bellen  van 8.30 – 16.30 uur op telefoonnummer: 0341-46 37 77. 

      Bel in avond-, nacht- of weekenduren met de Spoedeisende hulp. Telefoonnummer: 0341-46 39 64. 

       

      Is de operatie langer dan vijf dagen geleden? 

      Neem dan contact op met uw huisarts. Deze is bereikbaar op elke werkdag van 8.00 - 17.00 uur. Bel buiten de praktijkuren met de huisartsenpost in uw regio. 

       

       

       

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer
      Geprint op 23-2-2024