l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal Harderwijk

0341 - 463911

St Jansdal Lelystad

0341 - 463590

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8.30 - 12 u)

0341 - 463700 

 

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Harderwijk: Medicamus Spoedpost  

0900 - 341 0 341

Website: Medicamus Spoedpost

 

Lelystad: huisartsenpost Medrie  

0900 - 333 6 333

Website: Huisartenpost Lelystad

 

 

 

Voorbereiden_Op-Opname

Single Ballon Endoscopie

Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Afspraakgegevens


      Er is voor u onderstaande afspraak gemaakt voor een single ballon endoscopie:

      Dag:   ____________________

      Datum:  ____________________

      Opnametijd:  ____________________


       

      U kunt zich melden
      bij Dagopname B Oost,
      routenummer 0.80

      Wij verzoeken u bij verhindering dit uiterlijk tot 24 uur van
      tevoren aan ons door te geven, daar wij anders genoodzaakt
      zijn de kosten van het onderzoek in rekening te brengen.

       

      Aandachtspunten

      • Neemt geen ijzertabletten in de week voorafgaand aan het onderzoek.
      • Laat geen maag- of darmfoto’s met contrastvloeistof maken in de week voorafgaand aan het onderzoek.
      • Als u bloedverdunners gebruikt, leest u dan de informatie op pagina 17.
      • Wanneer u een stoma heeft, volgt u dan de aanwijzingen op pagina 18.
      • Indien u diabetes heeft, volgt u dan de aanwijzingen vanaf pagina 19.
      • Uw medicatie kunt u op de dag van het onderzoek gewoon blijven gebruiken (tabletten mogen met een slokje water tot uiterlijk twee uur vóór het onderzoek ingenomen worden of anders na het onderzoek), tenzij uw arts andere instructies heeft gegeven.
      • De anticonceptiepil is vanwege de laxeerkuur niet meer betrouwbaar.
      • Moviprep reinigt uw darmen en zorgt ervoor dat u diarree krijgt. Houdt u er daarom rekening mee dat u tijdens het drinken van de Moviprep het beste thuis kunt blijven.
      • Door de diarree die u krijgt, kan de huid rondom uw anus rood en pijnlijk worden. Dit probleem kunt u verminderen door de huid rondom uw anus voor de laxeerkuur te beschermen met Sudocreme.
      • Vlak voor het onderzoek krijgt u een roesje toegediend. Dit beïnvloedt uw reactievermogen. Daarom mag u 12 uur na het onderzoek niet deelnemen aan het verkeer.

       

      Wat neemt u mee naar het ziekenhuis?

      Wij verzoeken u de volgende voorwerpen mee te nemen als u voor uw onderzoek komt:

      • Een patiëntenpas van ziekenhuis St Jansdal (indien u geen pas heeft of deze verlopen is, dan verzoeken wij u een nieuwe pas te maken bij de receptie of de zelfservicezuil in de hal).
      • Een geldig legitimatiebewijs
      • Extra ondergoed
      • Uw eigen medicatie
      • Eventueel het CPAP apparaat dat u gebruikt tijdens het slapen.

       

      Tijdens het onderzoek kunt u uw “gewone” kleding aanhouden. Vermijdt u echter strakzittende of knellende kleding. Sieraden en andere kostbaarheden kunt u beter thuis laten.

       

      Informatie over een single ballon endoscopie

       

      Wat is een single ballon endoscopie? 

      Een single ballon onderzoek is een inwendig onderzoek waarbij een groot deel van de dunne darm wordt bekeken. De dunne darm kan worden bereikt via de mond en de maag of via de anus en de dikke darm. Het onderzoek wordt verricht met behulp van een endoscoop. Dit is een flexibele, bestuurbare slang waarin een camera bevestigd is. De endoscoop en camera zijn verbonden met een beeldscherm, zodat de arts uw dunne darm nauwkeurig kan bekijken.
       

      Wie verricht het onderzoek?
      Het onderzoek wordt uitgevoerd door een maag-darm- leverarts (MDL-arts). Deze wordt tijdens het onderzoek bijgestaan door één of meerdere endoscopielaboranten. Zij zullen u vlak voor en tijdens het onderzoek zoveel mogelijk toelichting en aanwijzingen geven.
       

      Waar wordt het onderzoek gedaan?
      Nadat u zich gemeld heeft bij de balie van de dagopname wordt u door een verpleegkundige opgehaald voor een intakegesprek. Daarna wordt u in een bed naar de functieafdeling gebracht waar het onderzoek plaatsvindt. Na afloop wordt u weer teruggebracht naar de verpleegafdeling.

       

      Hoe verloopt het onderzoek? 

      Op de functieafdeling maakt u kennis met de zorgverleners die het onderzoek bij u zullen uitvoeren. Vervolgens wordt er een infuusnaald in uw hand of arm ingebracht. Hierna wordt u verzocht om op uw linkerzij te gaan liggen. Via het infuus wordt de medicatie voor het “roesje” toegediend.  Via de mond of anus wordt de scoop ingebracht en vervolgens opgevoerd naar de dunne darm. Hierbij wordt koolzuurgas (CO2) ingeblazen om de darmen te ontplooien. Dit geeft een  vol, soms pijnlijk gevoel. Nadat de arts het hele gebied nauwkeurig onderzocht heeft en er eventueel weefsel en/of poliepen weggenomen zijn, wordt de endoscoop verwijderd en is het onderzoek klaar. U wordt teruggebracht naar de verpleegafdeling en als u voldoende wakker bent, mag u weer naar huis.
       

      Wat zijn de risico’s? 

      Een single ballon endoscopie is een veilig onderzoek. Toch kan er een enkele keer een complicatie optreden. Dit kunnen een nabloeding en een perforatie zijn. Dit risico is zeer laag, maar in zeldzame gevallen kan er hierdoor een operatie nodig zijn. De risico’s worden met u besproken.
       

      Hoelang duurt het onderzoek? 

      U bent in totaal ongeveer 120 minuten in de behandelkamer. Het onderzoek zelf duurt ongeveer 90 minuten. Na afloop verblijft u nog enige tijd op de verpleegafdeling. U kunt rekenen op een verblijf in het ziekenhuis van ongeveer vijf uur.
       

      Na het onderzoek 

      Na het onderzoek meten verpleegkundigen regelmatig uw bloeddruk en controleren zij het zuurstofgehalte in uw bloed. Wanneer u goed wakker bent en alle controles stabiel zijn, wordt het infuus verwijderd. U kunt uw normale eetpatroon hervatten. Door de toegediende medicatie kunt u de rest van de dag last hebben van een verminderd reactievermogen, concentratiestoornissen en een verminderd geheugen. Wij raden u dan ook aan om de rest van de dag geen afspraken te maken. Ook dient u er rekening mee te houden dat u niet aan het verkeer mag deelnemen. U kunt nog (enkele uren tot een dag) last hebben van winderigheid en krampen ten gevolge van de lucht die tijdens het onderzoek is ingeblazen. Eventuele medicatie kunt u weer volgens voorschrift innemen.

       

      Neemt u contact op wanneer u na het onderzoek last heeft van de volgende klachten:
       

      • Koorts boven de 38,5 graden.
      • Aanhoudende buikpijn die uiterlijk drie dagen na de scopie begonnen is.
      • Bloedverlies en/of zwarte ontlasting tot uiterlijk tien dagen na de scopie begonnen.
         

      Contact 

      U kunt ons bereiken op de volgende telefoonnummers: Functieafdeling (0341) 463538 (maandag t/m vrijdag van 08.30 uur tot 16.30 uur)
      Poli MDL (0341) 463899 (maandag t/m vrijdag van 08.30 uur tot 16.30 uur)
       

      Buiten kantoortijden 

      Heeft u na uw bezoek aan het ziekenhuis vragen?
       

      • De eerste vijf dagen na het bezoek kunt u contact met ons opnemen via het algemene nummer van het ziekenhuis: 0341-463911. De receptioniste zal u doorverbinden met de afdeling waar u uw vraag kunt stellen.
      • Is het langer dan vijf dagen geleden? Neem dan contact op met uw eigen huisarts of buiten kantoortijden met de Huisartsenpost via 0900 – 341 0 341

       

      Wanneer is de uitslag bekend?


      Meteen na het onderzoek geeft de arts een eerste indruk aan de verpleegkundigen van de verpleegafdeling door. Tevens wordt er direct een verslag gestuurd naar de arts die het onderzoek heeft aangevraagd. Wanneer er biopten genomen zijn, duurt het ongeveer tien werkdagen voor de uitslag hiervan bekend is. Mede daardoor duurt het vaak minimaal twee weken voordat de definitieve uitslag aan u kan worden gegeven.

       

      Voorbereiding single ballon endoscopie 

      Voor dit onderzoek is het noodzakelijk dat de gehele darm goed gereinigd is. Enkele dagen voor het onderzoek begint u daarom thuis al met de voorbereiding, waaronder het drinken van twee liter laxeerdrank (Moviprep). Hiervoor krijgt u van het ziekenhuis een recept mee dat u bij de apotheek kunt inleveren.
       

      Drie dagen voor het onderzoek
      Wij verzoeken u om vanaf nu geen etenswaren met pitjes, zaden of graankorrels meer te nemen (zoals bijvoorbeeld; druiven, kiwi’s, sesamcrackers of grof volkorenbrood). Pitjes, zaden en graankorrels verteren langzaam en blijven daardoor lang in de darmen aanwezig. Tijdens het onderzoek bemoeilijken ze het zicht en kunnen ze de endoscoop verstoppen.
       

      Twee dagen voor het onderzoek

       

      Indien u vezelpreparaten gebruikt (bijvoorbeeld Metamucil,
      Volcolon, Fiberform, Stimulance multie fbre mix) dan stopt u
      hiermee tot na het onderzoek

      U volgt vanaf het onbijt een vezelarm dieet.
      U kunt hierbij kiezen uit de volgende voedingsmiddelen:

       

      Ontbijt/lunch:
       

      • Beschuit
      • wit of lichtbruin brood (zonder zaden, graankorrels en korstjes)
      • boter, margarine
      • mild gekruide, magere vleeswaren
      • kaas (zonder pitjes)
      • jam (zonder stukjes), honing, stroop, chocoladepasta

       

      Warme maaltijd:
       

      • soep of bouillon
      • gekookte aardappelen, aardappelpuree
      • gekookte wortels, bloemkool, broccoli en spinazie
      • witte rijst, pasta (geen volkoren)
      • magere lichtgekruide vlees-, vis-, kipproducten zonder paneermeel of vel
      • magere jus

       

      Dessert:
       

      • gladde vla of pudding
      • kwark of yoghurt (zonder fruit of ander vulsel)
      • ijs (zonder fruit of ander vulsel)

       

      Dranken:
       

      • thee, koffie
      • melk, karnemelk, yoghurtdrank
      • limonade (zonder koolzuur)
      • Vruchtensap
      • water

       

      Producten die niet in het dieet genoemd worden,
      mag u niet gebruiken.

       

       

      Eén dag voor het onderzoek


      Ook vandaag volgt u het vezelarme dieet en kiest u voor het ontbijt, de lunch en de warme maaltijd uit de eerder genoemde producten.

       

      Na 16.00 uur is alleen het drinken van heldere vloeistoffen nog toegestaan.
      Indien u een (warme) avondmaaltijd wenst te gebruiken, doe dit dan vóór 16.00 uur.

       

      Heldere vloeistoffen:
       

      • heldere bouillon (zonder groente, vlees of vermicelli)
      • thee, koffie (zonder melk!)
      • heldere limonade (zonder koolzuur)
      • helder vruchtensap (bijvoorbeeld appelsap, witte druivensap)
      • water

       

      Tussen 18:00 en 20:00 drinkt u de eerste liter Moviprep. Het is belangrijk dat u de Moviprep niet te snel inneemt maar verdeelt over deze twee uur.

       

      Wij verzoeken u om de richtlijnen in de bijsluiter van het laxeermiddel te negeren en uitsluitend de aanwijzingen uit dit boekje op te volgen.

       

      Bereiding van de Moviprep:
      Een verpakking Moviprep bevat vier zakjes;
      twee keer zakje A en twee leer zakje B
      Om één liter laxeerdrank te maken mengt u één zakje A en
      één zakje B met één liter (niet bruisend) water.
      Roer het mengsel vervolgens tot het poeder volledig is
      opgelost. Dit kan enige minuten duren

       

      Tips om het drinken van de Moviprep te vergemakkelijken:

       

      • Zet de laxeerdrank een tijdje in de koelkast.
      • Drink met een rietje zodat u er minder van proeft.
      • Voeg per glas een scheutje limonadesiroop of helder vruchtensap toe.
         

      De dag van het onderzoek
       

      Vandaag drinkt u de laatste liter Moviprep en minimaal één liter heldere vloeistof. Verder blijft u helemaal nuchter. Tabletten die u van uw arts moet doorgebruiken kunt u zonodig met een slokje water tot uiterlijk twee uur voor het onderzoek innemen of anders na het onderzoek.

       

      Om het onderzoek goed te laten verlopen en te zorgen dat de arts een duidelijk beeld van uw dunne darm krijgt, is het absoluut noodzakelijk dat uw darmen optimaal gereinigd zijn. Uit studies is gebleken dat het onderzoek daarom binnen acht uur na het drinken van de laatste liter Moviprep moet plaatsvinden. Afhankelijk van het tijdstip van het onderzoek kan dit betekenen dat u op de dag van het onderzoek vroeg moet opstaan om de resterende liter Moviprep te drinken. Wij vragen hiervoor uw begrip en rekenen op uw medewerking.

       

       

      Laxeerschema

       

      Tijdstip onderzoek

      2e liter Moviprep +
      minimaal 1 liter heldere
      vloeistof

      08.30 uur – 09.00 uur

      03.30 uur – 05.30 uur

      09.00 uur – 09.30 uur

      04.00 uur – 06.00 uur

      09.30 uur – 10.00 uur

      04.30 uur – 06.30 uur

      10.00 uur – 10.30 uur

      05.00 uur – 07.00 uur

      10.30 uur – 11.00 uur

      05.30 uur – 07.30 uur

      11.00 uur – 11.30 uur

      06.00 uur – 08.00 uur

      11.30 uur – 12.00 uur

      06.30 uur – 08.30 uur

      12.00 uur – 12.30 uur

      07.00 uur – 09.00 uur

      13.00 uur – 13.30 uur

      08.00 uur – 10.00 uur

      13.30 uur – 14.00 uur

      08.30 uur – 10.30 uur

      14.00 uur – 14.30 uur

      09.00 uur – 11.00 uur

      14.30 uur – 15.00 uur

      09.30 uur – 11.30 uur

      15.00 uur – 15.30 uur

      10.00 uur – 12.00 uur

      15.30 uur – 16.00 uur

      10.30 uur – 12.30 uur

      16.00 uur – 16.30 uur

      11.00 uur – 13.00 uur


      Bereid de tweede liter Moviprep volgens eerder beschreven instructie. Het is belangrijk dat u de Moviprep niet te snel inneemt maar verdeelt over deze twee uur.

       

      Na het drinken van de laatste liter Moviprep en minimaal één liter heldere vloeistof blijft u helemaal nuchter tot na het onderzoek.

       

      Bloedverdunners

      Soms dienen bloedverdunners een aantal dagen voor het onderzoek gestaakt worden. Dit moet echter altijd gebeuren in overleg met een arts. Neemt u daarom contact op met de arts die het onderzoek aanvraagt.

       

      Globale richtlijn

      Niet stoppen:
      Trombocytenaggregatieremmer zoals:
      Acetylsalicylzuur, Carbasalaatcalcium (Ascal), Dipyrida- mol (Persantin), Clopidogrel (Plavix), Prasugrel (Efient) en Ticargrelor (Brilique)

       

      Overleg Tromosedienst:
      Acenocoumarol (Sintrom) of Fenprocoumon (Marcoumar)

      Overleg arts:
       

      NOAC (Non-VKA Orale Anti Coagulantia) zoals:
      Rivaroxaban (Xarelto), Dabigatran (Pradaxa),
      Apixaban (Eliquis)

       

      Indien nodig geeft de arts die het onderzoek verricht u na het onderzoek aanvullend advies over het herstarten van de medicatie, mede afhankelijk van de uitkomsten van de scopie.

       

      Aanwijzingen voor mensen met een stoma

       

      Dikke darmstoma (Colostoma)


      U volgt de “normale” voorbereiding (zie hoofdstuk 4), waaronder het drinken van twee liter laxeerdrank.
      In verband met de dunne ontlasting die u door de laxeerkuur krijgt, is een zogenaamde “open” stomazak noodzakelijk. Dit is een stomazak die aan de onderkant geopend kan worden waardoor u deze in het toilet kunt legen. Vraag uw stomaconsulente gerust om advies.

       

      Voor vragen over uw stoma en het gebruik van uw stomamateriaal kunt u terecht bij uw stomaconsulente. Zij is van maandag tot en met vrijdag van 08.30 tot 17.00 uur aanwezig op de stomapoli van ziekenhuis St Jansdal. U volgt hiervoor looproute 0.72. Het telefoonnummer van de stomapoli is (0341) 463594.

       

      Neemt u op de dag van het onderzoek voldoende van uw eigen
      stomamateriaal mee naar het ziekenhuis.

       

      Informatie voor mensen met diabetes

      Binnenkort heeft u een afspraak voor een sigmoïdoscopie.
      Tijdens de voorbereidingsdagen kunt u last krijgen van te hoge of te lage bloedglucosewaarden.
      Om dit zoveel mogelijk te voorkomen, adviseren wij de voor u geldende instructies nauwkeurig op te volgen, dit naast de andere voorbereidingen die u voor het onderzoek moet treffen.

       

      protocol insuline eenmaal daags,   pagina 20
      protocol insuline tweemaal daags,   pagina 21
      protocol insuline viermaal daags,   pagina 22
      protocol insulinepomp,     pagina 24
      protocol bloedglucoseverlagende tabletten, pagina 26
      protocol GLP-1     pagina 27
      protocol combinatie insuline en GLP-1  pagina 28

       

      Bij vragen kunt u contact opnemen met één van de diabetesverpleegkundigen van het St Jansdal via de assistentes van de poli interne:

       

      Van maandag tot en met vrijdag van 08:30 uur tot 16:00 uur, telefoonnummer: 0341 463747

       

      Als u belt graag doorgeven welke insulinesoort u gebruikt en hoeveel eenheden u altijd injecteert/bolust.

      Diabetesprotocol insuline eenmaal daags


      Wij adviseren u de komende dagen de bloedglucose vier keer te prikken:
       

      • voor het ontbijt
      • voor de lunch
      • voor het avondeten
      • voor het slapengaan

      Wat te doen bij lage bloedglucosewaarden?


      Is de bloedglucose lager dan 4:
      6 tabletten dextro of een glas “gewone” limonade (dus wel met suiker) nemen.

       

      2 dagen voor het onderzoek (vezelarm dieet)


      U dient uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.

       

      1 dag voor het onderzoek(vezelarm dieet volgens afspraak, daarna helder vloeibaar dieet en 1e liter Moviprep)


      Indien u gewend bent om de langwerkende insuline ‘s morgens te injecteren, dan dient u 75% (3/4) van uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.
      Bent u gewend om de langwerkende insuline voor het avondeten of voor het slapengaan te injecteren, dan dient u 50% (1/2) van uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.

       

      De dag van het onderzoek (2e liter Moviprep)


      Indien u gewend bent om de langwerkende insuline ‘s morgens te injecteren, dan dient u 50% (1/2) van de gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.
      Bent u gewend om de langwerkende insuline voor het avondeten of voor het slapengaan te injecteren, dan kunt u de gebruikelijke hoeveelheid injecteren.
       

      Diabetesprotocol insuline tweemaal daags


      Gebruikt u tweemaal daags (middel) langwerkende insuline? Neem dan contact op met één van de diabetesverpleegkundige.

       

      Wij adviseren u de komende dagen de bloedglucose vier keer te prikken:
       

      • voor het ontbijt
      • voor de lunch
      • voor het avondeten
      • voor het slapengaan

       

      Wat te doen bij lage bloedglucosewaarden?


      Is de bloedglucose lager dan 4:
      6 tabletten dextro of een glas “gewone” limonade (dus wel met suiker) nemen.

       

      2 dagen voor het onderzoek (vezelarm dieet) 

      U dient uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.

       

      1 dag voor het onderzoek(vezelarm dieet volgens afspraak, daarna helder vloeibaar dieet en 1e liter Moviprep)


      Voor het ontbijt dient u uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.
      Voor het avondeten dient u 50% (1/2) van uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.

       

      De dag van het onderzoek (2e liter Moviprep)


      Indien het onderzoek ‘s morgens plaatsvindt, dient u de eerste maaltijd na het onderzoek 50% (1/2) van uw gebruikelijke dosering te injecteren.
      Indien het onderzoek ‘s middags plaatsvindt, kunt u ‘s avonds uw gebruikelijke dosering injecteren.
       

      Diabetesprotocol insuline viermaal daags


      Wij adviseren u de komende dagen de bloedglucose vier keer te prikken:
       

      • voor het ontbijt
      • voor de lunch
      • voor het avondeten
      • voor het slapengaan

       

      Wat te doen bij lage bloedglucosewaarden?


      Is de bloedglucose voor de maaltijd lager dan 5 mmol/l, dan moet u 2 eh (ultra)kortwerkende insuline minder injecteren.
      Is de bloedglucose lager dan 4:
      6 tabletten dextro of een glas “gewone” limonade (dus wel met suiker) nemen en 2 eh (ultra)kortwerkende insuline minder injecteren.

       

      Wat te doen bij hoge bloedglucosewaarden? 

      Bijspuitschema:
      Is de bloedglucose hoger dan 15, dan dient u 2 eh (ultra)kortwerkende insuline extra te injecteren.
      Is de bloedglucose hoger dan 20, dan dient u 4 eh (ultra)kortwerkende insuline extra te injecteren.

       

      2 dagen voor het onderzoek (vezelarm dieet) 

      U dient uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.

       

      1 dag voor het onderzoek(vezelarm dieet volgens afspraak, daarna helder vloeibaar dieet en 1e liter Moviprep)


      Indien u gewend bent om de langwerkende insuline
      ’s morgens te injecteren, dan dient 75% (3/4) van uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.
      Bent u gewend om de langwerkende insuline voor het avondeten of voor het slapengaan te injecteren, dan dient u 50% (1/2) van uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.

       

      Voor uw ontbijt en voor uw lunch dient u uw gebruikelijke hoeveelheid (ultra)kortwerkende insuline te injecteren.
      Voor het avondeten alleen het bijspuitschema volgen.

       

      De dag van het onderzoek (2e liter Moviprep) 

      Indien u gewend bent om de langwerkende insuline ‘s morgens te injecteren, dan dient u 50% (1/2) van de gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.
      Bent u gewend om de langwerkende insuline voor het avondeten of voor het slapengaan te injecteren, dan dient u de gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.
      Voor de (ultra)kortwerkende insuline dient u het bijspuitschema te volgen.
      Na het onderzoek dient u uw gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.

       

      Diabetesprotocol insulinepomp


      Wij adviseren u de komende dagen de bloedglucose zeven keer te prikken:
       

      • voor het ontbijt
      • 1,5 uur na het ontbijt
      • voor de lunch
      • 1,5 uur na de lunch
      • voor het avondeten
      • 1,5 uur na het avondeten
      • voor het slapengaan

       

      Wat te doen bij lage bloedglucosewaarden?


      Is de bloedglucose voor de maaltijd lager dan 5 mmol/l, dan dient u 2 eh (ultra)kortwerkende insuline minder te bolussen.
      Is de bloedglucose lager dan 4:
      6 tabletten dextro of een glas “gewone” limonade (dus met suiker) nemen en 2 eh (ultra)kortwerkende insuline minder bolussen.

       

      Wat te doen bij hoge bloedglucosewaarden?

      Bijspuitschema:


      Is de bloedglucose hoger dan 15, dan dient u 2 eh (ultra)kortwerkende insuline extra te bolussen.
      Is de bloedglucose hoger dan 20, dan dient u 4 eh (ultra)kortwerkende insuline extra te bolussen.

       

      2 dagen voor het onderzoek (vezelarm dieet)


      U kunt uw gebruikelijke basaalstand en bolusschema gebruiken.

       

      1 dag voor het onderzoek(vezelarm dieet  volgens afspraak, daarna helder vloeibaar dieet en 1e liter Moviprep)


      Neem contact op met uw eigen diabetesverpleegkundigen voor advies/beleid over de basaalstand en het bolusschema.
      Is uw bloedglucose < 6 mmol/l dan de tijdelijke basaal gebruiken. Dit is afhankelijk van uw eigen situatie.

       

      De dag van het onderzoek (2e liter Moviprep)


      Neem contact op met uw eigen diabetesverpleegkundigen voor advies/beleid over de basaalstand en het bolusschema.
      Is uw bloedglucose < 6 mmol/l dan de tijdelijke basaal gebruiken. Dit is afhankelijk van uw eigen situatie.

       

      Diabetesprotocol bloedglucoseverlagende tabletten


      Mocht u hypoverschijnselen krijgen (honger, beven, zweten, een trillerig gevoel, bleekheid, wazig zien, hoofdpijn, duizeligheid) of is de bloedglucose lager dan 4.0 mmol, drinkt u dan 1 glas “gewone” limonade (dus wel met suiker) of 1 glas helder appelsap of neem 6 tabletten dextro.

       

      2 dagen voor het onderzoek (vezelarm dieet) 

      U dient vandaag uw gebruikelijke bloedglucoseverlagende tabletten.

       

      1 dag voor het onderzoek(vezelarm, dieet  volgens afspraak daarna helder vloeibaar dieet en 1e liter Moviprep) 

      U dient voor het ontbijt en voor de lunch uw gebruikelijke bloedglucoseverlagende tabletten te nemen.
      Voor het avondeten neemt u geen bloedglucoseverlagende tabletten.

       

      De dag van het onderzoek (2e liter Moviprep) 

      Na het onderzoek neemt u uw gebruikelijke bloedglucoseverlagende tabletten.

       

      Diabetesprotocol GLP-1


      De dag vóór het onderzoek:
      Indien u gewend bent om de GLP-1 ‘s morgens te injecteren, dan kunt u de gebruikelijke hoeveelheid injecteren.
      Bent u gewend om de GLP-1 ‘s avonds te injecteren, dan injecteert u deze avond geen GLP-1.
       

      De dag van het onderzoek:
      De GLP-1 kunt u na het onderzoek injecteren op de gebruikelijke tijd.

       

      Wat te doen bij lage bloedglucosewaarden?


      Is de bloedglucose lager dan 4:
      Een glas “gewone” limonade (ranja), dus wel met suiker, nemen.

      Diabetesprotocol combinatie insuline en GLP-1


      De dag vóór het onderzoek:
      Indien u gewend bent om de combinatie insuline en GLP-1
      ‘s morgens te injecteren, dan kunt u de gebruikelijke hoeveel- heid injecteren.
      Bent u gewend om de combinatie insuline en GLP-1 ‘s avonds te injecteren, dan dient u 50% (1/2) van de gebruikelijke hoeveelheid te injecteren.
       

      De dag van het onderzoek:
      Het onderzoek vindt vóór 13:00 uur plaats:
      Als u de combinatie insuline en GLP-1 normaal ‘s morgens injecteert, dan injecteert u deze ochtend geen combinatie insuline en GLP-1.
      Bij de eerste maaltijd na het onderzoek injecteert u 50% (1/2) van de gebruikelijke dosering.
      Als u de combinatie insuline en GLP-1 normaal ‘s avonds injecteert, dan ‘s avonds de

      gebruikelijke dosis weer hervatten.

       

      Het onderzoek vindt ná 13:00 uur plaats:
      Als u de combinatie insuline en GLP-1 normaal ‘s morgens injecteert, dan injecteert u deze ochtend 50% (1/2) van de gebruikelijke dosering.
      Als u de combinatie insuline en GLP-1 normaal ‘s avonds injecteert, dan ‘s avonds de gebruikelijke dosis weer hervatten.
       

      Wij adviseren u deze dag de bloedglucose vijf keer te prikken:
       

      • Op het tijdstip waarop u normaliter ontbijt
      • Twee uur hierna
      • Voor de lunch of uw gebruikelijke lunchtijd
      • Voor het avondeten
      • Voor het slapengaan

       

      Wat te doen bij lage bloedglucosewaarden?


      Is de bloedglucose lager dan 4:
      Een glas “gewone” limonade (ranja), dus wel met suiker, nemen.

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer