l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal receptie (alle locaties)

0341 - 463911

Afsprakenbureau 

0341 - 463890

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8.30 - 12 u)

0341 - 463700

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Harderwijk: Medicamus Spoedpost  

0900 - 341 0 341

Website: Medicamus Spoedpost

 

Lelystad: huisartsenpost Medrie  

0900 - 333 6 333

Website: Huisartenpost Lelystad

 

 

 

VlagB
Folders

Onrustige baby

Versienr: 1
Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Er is sprake van een onrustige baby wanneer ouders vinden dat hun baby te veel huilt, spuugt, problemen met de voeding heeft of te weinig of onvoldoende groeit.

       

      Onrustige baby’s zijn over het algemeen erg actieve, schrikachtige en snel geprikkelde baby’s. Een prikkelbare baby is sneller vermoeid, slaapt slecht en drinkt vaak onregelmatig kleine beetjes. Ze kunnen niet tot rust komen, maaien met armpjes en beentjes, maken zich heel boos en zijn ontroostbaar. Daardoor blijft de baby huilen en raakt nog meer vermoeid. Meestal leidt dit huilgedrag tot reactie van mensen in de omgeving (de ouders) om de baby op allerlei manieren te troosten. Dit kan de onrust bij de baby versterken. Bovendien ontstaat bij ouders ongerustheid. Baby’s voelen dit feilloos aan en reageren daar ook weer op. U belandt samen in een vicieuze cirkel, die moeilijk te doorbreken is. Daarnaast is het huilen van deze baby’s niet zoals het gebruikelijke jengelen, maar het huilen is intens, doordringend en de baby lijkt pijn te hebben.

      De oorzaak van extreem huilen is slechts zelden gevolg van een ziekte. Meestal komt het door onrust en spanning die de baby heeft opgebouwd.

       

      Normaal huilgedrag

      Huilen hoort bij het normale ontwikkelingsproces. Alle baby’s huilen, dat is een gezonde zaak. Dat is tenslotte hun enige manier om te communiceren. Baby’s huilen normaliter anderhalf uur per dag. De meeste baby’s beginnen na twee weken regelmatig te huilen. De piek van het huilen ligt rond de zes tot acht weken, het huilen is dan gemiddeld drie uur per dag. Daarna neemt het huilen geleidelijk af.

       

      Slaapwaakritme

      Een baby van vier weken oud is vaak binnen een uur na het wakker worden alweer moe. Een uur om te voeden, te verschonen en te knuffelen is dus zo voorbij. U kunt de volgende tijden als leidraad nemen:

       

      0 - 2 weken

      30 - 45 min. wakker per keer, inclusief voedingstijd

      2 - 6 weken

      45 - 60 minuten wakker per keer, inclusief voedingstijd

      7 - 12 weken

      60 - 75 minuten wakker per keer, inclusief voedingstijd

      3 - 5 maanden 1,5 uur wakker per keer, inclusief voedingstijd

       

      Vaak wordt een baby die huilt opgepakt, getroost en gedragen. De baby wordt in dat geval vaak weer alert, kijkt rond en/of lacht naar u en u kunt dan denken dat uw baby nog niet moe is. Het tegendeel is echter waar.

       

      Baby’s kunnen op deze manier overactief gedrag aanleren. Ze blijven wakker en zijn continu bezig nieuwe prikkels te verwerken. Omdat de vermoeidheid niet wordt verholpen, kost het ze moeite in slaap te vallen als ze vervolgens wel op bed worden gelegd. Daardoor gaan ze huilen, korter slapen, vallen ze tijdens de volgende voeding in slaap en drinken ze niet genoeg. Het gevolg daarvan is weer dat ze eerder honger hebben en sneller gaan huilen.

       

      Slaapsignalen

      Het is belangrijk dat u de slaapsignalen van uw baby leert herkennen. Deze signalen kunnen zijn:

      • Gapen

      • Staren
      • In de ogen wrijven
      • Wegkijken of afwenden, van u of van het speelgoed
      • Druk bewegende armen en schoppende benen
      • Gebalde vuisten
      • Grimas op baby’s gezicht
      • Geluidjes als een krakende deur
      • Jengelen en huilen, dit is een laat signaal
      • Overstrekken

       

      Ons advies is om uw baby bij de eerste slaapsignalen (wakker) in bed te leggen. Laat de baby niet op schoot of in de box slapen. Als u uw baby steeds wakker in zijn eigen bedje legt

      in een rustige kamer, went hij/zij aan deze regelmaat en valt gemakkelijk in slaap.

       

      Tips om te slapen

      Het is belangrijk dat u uw baby wakker in bed legt. Een baby die daaraan gewend is, kent het bed als een vertrouwde plek waar hij/zij mag slapen. De baby zal zich tevreden in bed laten leggen en zich snel overgeven aan de slaap, nadat hij/zij aangaf moe te zijn.

       

      Een vast slaapritueel en een vaste slaapruimte zijn belangrijk. Bij een vast slaapritueel denken we aan verschonen, gordijnen dicht doen, in bed leggen, strak instoppen. Voorspelbaarheid geeft uw baby rust en veiligheid, zodat hij/zij weet wat er komen gaat en makkelijker in slaap valt.

       

      Ook comfortabele slaapkleding is belangrijk. Bij voorkeur geen spijkerbroek of truitje met capuchon.Wij raden soepel zittende kleren aan, het liefst van natuurlijke materialen zoals katoen en wol.

       

      Belangrijk is dat u uw baby niet stoort tijdens het slapen.

      Bent u van plan de deur uit te gaan, leg de baby dan kort voorvertrek bij de eerste tekenen van slaap alvast in de wandelwagen of maxicosi en zet deze op een rustige plek in huis. Zo stoort u de baby niet tijdens de slaap. Let wel op de temperatuur. Niet te warm of te koud neerleggen.

       

      Biedt regelmaat en eenduidigheid aan. Dit betekent niet dat alles op een vaste tijd gebeurt, maar wel in een vaste volgorde. Bijvoorbeeld: wakker worden - eten - verschonen - knuffelen - slapen. En een vaste plek voor iedere activiteit, zoals slapen in bed en spelen in de box. Op herkenbare momenten van de dag, bijvoorbeeld het huiluurtje ’s avonds, zou u de baby in een draagdoek kunnen dragen.

      Als uw baby tijdens de beoogde slaapperiode gaat huilen, - harder, langer, onafgebroken krijsen- dan adviseren wij u zoveel mogelijk in bed te troosten. Dit kan onder andere door:

      • Bij ontlasting de luier te verschonen (zeker bij rode billen)

      • Eventueel opnieuw strak in te stoppen
      • Een hand op hoofd of buik te leggen
      • Eventueel een fopspeen te geven

       

      Zachtjes praten tegen uw kind, geeft de baby het gevoel dat hij gesteund wordt en niet alleen is.

       

      Voor een goede nachtrust van uw baby maakt u zo min mogelijk licht en geluid.

       

      In de avonduren hebben veel baby’s een huiluurtje en/ of darmkrampjes. Het kan zijn dat het de baby niet lukt in slaap te vallen. In dit geval probeert u eerst de baby te troosten. Lukt dit niet, dan kunt u de baby bij u houden. De vlieghouding (met het buikje op uw arm) helpt goed bij darmkrampjes. Het huiluurtje is de enige uitzondering op de dag dat u kunt afwijken van bovengenoemde adviezen.

       

      Het kan soms zijn dat de onrust en het huilen eerst toenemen na bovenstaande adviezen. Dit is een gezond protest tegen een nieuwe onbekende koers.Vaak duurt dit drie tot vijf dagen. Zodra uw baby eraan gewend is, blijft alleen het ‘gezonde huilen’ over.

       

      Opname op de kinderafdeling

      Als de oorzaak van de onrust niet duidelijk is, en/of het huilen leidt tot ontwrichting van het gezinsleven, kan uw kind worden opgenomen in het ziekenhuis.

       

      Doelen van de opname

      Ouders krijgen steun, inzicht en adviezen en er wordt gezocht naar een mogelijke oorzaak met betrekking tot het huilen van hun kind.

      • Creëren van een adequaat slaap/waakpatroon

      • Doorbreken van het huilgedrag
      • Stabiliseren thuissituatie en doorbreken van negatieve spiraal door ouders en kind rustmogelijkheden te bieden
      • Goed voedingsbeleid
      • Evt. diagnosticeren onderliggende medisch problematiek

       

      Vragenlijst

      Ouders krijgen op de polikliniek een vragenformulier ‘onrustige babyen een huillijst mee naar huis om in te vullen. We verzoeken u deze mee te nemen op de opnamedag en af te geven aan de kinderverpleegkundige.

       

      Duur van de opname

      De opnameduur van uw kindje varieert van drie tot zeven dagen.

       

      Bezoek

      Wij willen u vragen ons de ruimte te geven om zo goed mogelijk te observeren.

       

      Probeer ander bezoek tijdens de opname te minimaliseren, dit brengt voor uw kind meer onrust. Ouders wordt in principe geadviseerd niet te blijven slapen, voor hun eigen rust en om de vicieuze cirkel te doorbreken. Bij kinderen die borstvoeding krijgen kan hiervan afgeweken worden.

       

      Indeling per dag tijdens de opname

      De eerste dag

      De eerste 24 uur van de opname willen de verpleegkundigen en de kinderarts uw kind zo goed mogelijk observeren. Behalve lichamelijk onderzoek en urineonderzoek wordt er geen medisch onderzoek gedaan. Afhankelijk van de bevindingen kan dit later alsnog gebeuren, als daar een medische indicatie voor is.

      In de eerste 24 uur verandert er ook niets aan de voeding en is het eetpatroon als thuis. De pedagogisch medewerker zorgverlener en/of verpleegkundige observeert een voedingsmoment waarbij u uw kind de fles geeft of aan de borst legt.

      De verpleegkundigen maken gebruik van een huil observatie lijst, waarop zij noteren wanneer uw kind eten krijgt, tevreden is en/of huilt of krijst. De kinderarts vraagt ook de fysiotherapeut, orthopedagoog en de medisch pedagogisch verlener in consult.

       

      De fysiotherapeut kijkt naar de ontwikkeling en spierspanning van de baby.

      De orthopedagoogkomt met u praten om handvatten te geven om te leren omgaan met de spanning die het huilen van uw kind teweegbrengt.

      De medische pedagogisch zorgverlener maakt een filmopname (in de loop van de week) met u en uw kind tijdens een zorgmoment, om de interactie en de lichaamstaal van uw kind te observeren (zie folder VIB). Zij begeleidt u ook met het herkennen van babytaal bij uw kind.

       

      Er wordt een afspraak met u gemaakt om de babymassage aan te leren.

       

      Wij verwachten dat ouder(s) de eerste dag van de opname aanwezig zullen zijn, zodat alle disciplines die langs komen met ouders kunnen praten.Voor de dagen die volgen is het goed om met de verpleegkundige een plan te maken wanneer u komt.

       

      Wat vaak voorkomt, is dat het kind de eerste nacht weinig huilt. Dit kan komen omdat de vicieuze cirkel is doorbroken of vanwege de andere omgeving waarin uw baby is. Daarna kan het zijn dat het huilgedrag terugkomt.

       

      Het kan voor de baby fijn zijn als er een doekje met de geur van zijn moeder in bed ligt.

       

      Er is een mogelijkheid dat één van de ouders blijft slapen, we noemen dit rooming-in. De ervaring leert echter dat het goed is om thuis te slapen om voor uzelf ook bij te tanken. U kunt dit het beste overleggen tijdens het opnamegesprek.

       

      De tweede dag

      Vandaag hebben alle disciplines een overleg met elkaar wat hun bevindingen zijn en hierna wordt een plan van aanpak gemaakt.

      Bij de meeste baby’s is er geen onderliggende medische oorzaak voor de onrust. We zullen ons dan vooral richten op het doorbreken van het huilgedrag.

      U kunt uw kind komen verzorgen, met de verpleegkundige en de medisch pedagogisch zorgverlener ter ondersteuning op de achtergrond om u te begeleiden in het toepassen van de interventies en het troosten van uw kind.

       

      De derde dag

      De kinderarts zal vandaag een gesprek met u als ouders hebben om de observaties te bespreken van de afgelopen 24-48 uur. Daarvoor plannen we samen met u een afspraak.

       

      Ouders helpen mee in de zorg voor hun kindje met o.a. het naar bed brengen en troosten van hun kind.

       

      De vierde dag

      Vandaag is er opnieuw een overleg met alle disciplines zoals de kinderarts, kinderverpleegkundige, medisch pedagogisch zorgverlener, fysiotherapeut en orthopedagoog.

      We starten met de voorbereiding op mogelijk ontslag op dag vijf.

      Het is daarom wenselijk dat u op de 4e dag de gehele dag aanwezig bent. U doet alle zorg voor uw kind, met het team aanwezig op de achtergrond. U ervaart hierdoor zelf hoe een dag gaat en kunt u vragen nog stellen. Dit geeft vertrouwen voor het daadwerkelijke ontslag

       

      De vijfde dag

      De verpleegkundige kijkt samen met u wanneer uw baby met ontslag kan. Zij bespreekt dit daarna met de kinderarts. U krijgt via de verpleegkundige een terugkoppeling.

       

      Wij schrijven bij ontslag een overdracht naar het consultatiebureau, zodat ook zij weten wat er afgesproken is rondom de zorg voor uw kind.

       

      Welke literatuur raden wij u aan

      We raden u de volgende boeken aan:

      • ‘Inbakeren brengt rustdoor Ria Blom, uitgeverij Christofoor ISBN 90-9014544-3

      • ‘Regelmaat brengt rustdoor Ria Blom, uitgeverij Christofoor 2006 ISBN 90-6238809-4

      • ‘De Karp methodedoor Carole Lashman, uitgeverij VBK Media 2014 ISBN 9789021557311

       

       

      Interessante websites: www.debakermat.nl www.inbakeren.nl

       

       

      Wij hopen dat het met deze tips makkelijker wordt om samen met uw baby te wennen aan de thuissituatie.

       

      Voor vragen kunt u ons vrijblijvend bereiken op de kinderafdeling, telefoonnummer: (0341) 463622.

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer
      Geprint op 1-12-2020