l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal receptie (alle locaties)

0341 - 463911

Afsprakenbureau 

0341 - 463890

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8:30 - 16:30 uur)

0341 - 463700

Vragen over?


Heeft u een klachtKlik dan hier.

Of compliment? Klik dan hier.


Bent u van de PERS en heeft u een vraag? Klik dan hier.

Medische hulp buiten kantoortijden

Spoedpost Harderwijk  

 

085 - 773 73 71

 

 

www.spoedpostharderwijk.nl

Huisartsenpost Lelystad  

 

0900 - 333 6 333

 

 

www.medrie.nl

Bij levensbedreigende spoed:

 

112

VlagB
Folders

Borstsparende operatie (met filmpje)

Versienr: 2
Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

       

      Klik op de afbeelding om deze folder te bekijken met beeld en geluid (Indiveo).

       

      Borstsparende operatie

      Bij veel vrouwen met borstkanker (ongeveer tweederde) kan de tumor in de borst worden weggehaald met een borstsparende operatie. Hierdoor kan een vrouw haar borst behouden. Wel kan de borst door de operatie kleiner worden en/of van vorm veranderen. De oncologische chirurg kan er de voorkeur aan geven om de operatie samen met een plastische chirurg te doen. Een borstsparende operatie met nadien bestraling van de borst (radiotherapie) is medisch even vellig als het verwijderen van de hele borst. In sommige gevallen kan bestraling van de borst bij een borstsparende operatie achterwege blijven.

       

      Hoe gaat een borstsparende operatie?

      Tekst video:

      Een borstsparende operatie heeft als doel om de tumor uit uw borst te verwijderen en de borst te behouden. De chirurg spoort de tumor in de borst op door te voelen, het plaatsen van een markering (bijvoorbeeld een jodiumzaadje) of met behulp van een draadje. Als de tumor is gevonden kan de chirurg de tumor verwijderen.

      Tijdens deze operatie verwijdert de chirurg ook altijd een stukje gezond weefsel rondom de tumor. Dit wordt gedaan om de kans zo groot mogelijk te maken dat de tumor helemaal verwijderd is. De tumor wordt opgestuurd en onderzocht in een laboratorium. De chirurg probeert de plek van de ingreep zo goed en mooi mogelijk te herstellen.

       

      Hoe lang duurt een borstsparende operatie?

      Als de tumor en het omliggende, gezonde weefsel wordt verwijderd, duurt de operatie ongeveer 1 uur tot 1,5 uur. De operatie van de borst wordt vaak gecombineerd met de operatie in de oksel: de schildwachtklier of een okselkliertoilet.

       

      Voorbereiding op uw operatie

      Voorbereiding

      Voor de operatie kunt u zich douchen. U mag geen deodorant of make-up gebruiken en sieraden moet u afdoen. Zie ook de informatie in uw patiënteninformatiedossier (PID).

       

      Gesprek met de anesthesist

      Ter voorbereiding op de operatie gaat u naar het preoperatieve spreekuur (anesthesist). De anesthesist laat u weten vanaf wanneer u nuchter moet zijn en welke medicatie u wel of niet mag nemen op de dag van de operatie.

       

      Na de operatie

      Douchen

      Een operatiewond is maximaal 24 uur na de operatie gesloten. U mag daarom een dag na de operatie alweer (kort) douchen. Er kunnen dan geen bacteriën meer van buiten naar binnen komen. Zeep, douchegel en shampoo kunt u normaal gebruiken. De wond kunt u het beste met een handdoek droogdeppen. Het wordt afgeraden om in bad te gaan. Dit in verband met verweking van de wond.

       

      Deodorant

      Als u ook een operatie in de oksel heeft gehad mag u na één week weer deodorant gebruiken.

       

      Hechtingen

      De hechtingen lossen vanzelf op. Het kan zijn dat de chirurg hechtstrips (zwaluwstaartjes) op de wond heeft geplakt. Deze laten vanzelf los of worden bij de controle in het ziekenhuis verwijderd.

       

      Beha advies

      Draag een goed zittende, stevige beha zonder beugel. Bijvoorbeeld een sportbeha. Dit geeft steun en houdt de borst na een operatie goed in vorm.

       

      Wondverzorging

      De wond kan het best genezen zonder pleister. Dit is ook beter voor de omliggende huid. Soms komt er wat vocht uit de wond. Als de wond niet rood of pijnlijk is, kunt u dit rustig afwachten.

       

      Pijnstilling

      Wij adviseren u om paracetamol te gebruiken tegen de pijn. U mag vier keer per dag 1000 mg paracetemol gebruiken. Bouw dit langzaam af, wanneer de pijn minder wordt.

       

      Bestraling

      Een borstsparende operatie gaat altijd samen met bestraling. Een ander woord voor bestraling is radiotherapie. In enkele gevallen kan bestraling van de borst achterwege blijven.

       

      Mogelijke risico’s op complicaties

      Wanneer contact opnemen met het ziekenhuis

      • Als u koorts krijgt van 38,5°C of hoger.

      • Als de wond gezwollen, rood en of pijnlijk is. Dit kan een teken zijn van een wondinfectie.

      • Als u twijfelt, mag u altijd bellen.

       

      Complicaties

      Nabloeding

      Een nabloeding kan direct na de operatie ontstaan. Soms is een tweede operatie noodzakelijk om de bloeding te verhelpen.

       

      Bloeduitstorting

      Soms ontstaat er een bloeduitstorting. Meestal gebeurt dit kort na de operatie als u nog in het ziekenhuis bent. De wond wordt dan gecontroleerd.

       

      Wondinfectie

      Een wondinfectie uit zich later. U merkt dan dat de borst pijnlijk wordt, de huid rood is en het wondgebied dikker wordt. Ook kunt u koorts krijgen.

       

      Contact

      Bij problemen of vragen kunt u contact opnemen met:

      • De coördinerend oncologieverpleegkundige, telefoonnummer (0341) 46 38 51 of 46 38 47.

      • De mammapoli, telefoonnummer (0341) 46 39 81.
      • De verpleegafdeling , alleen de eerste vijf dagen na ontslag.

       

      Achtergrond informatie

      Snijranden

      Het verwijderde borstweefsel wordt onderzocht. Er wordt bekeken of er in de randen van het weefsel tumorcellen zitten. Dit heten snijranden.

       

      Tekst video:

      Het is belangrijk dat de gehele tumor wordt verwijderd tijdens de operatie. Daarom verwijdert de chirurg ook altijd een stukje gezond weefsel rondom de tumor. In het laboratorium wordt het verwijderde weefsel nauwkeurig onderzocht. Er wordt gekeken of er in de randen van het weefsel tumorcellen zitten. Deze randen worden snijranden genoemd.

      De patholoog-anatoom kijkt hoe ver de tumorcellen van de snijranden afzitten en beoordeelt of de snijranden schoon zijn. Als dit het geval is betekent dit meestal dat de tumor succesvol is verwijderd.

      Als de snijranden niet schoon zijn, kan er een tweede operatie nodig zijn of extra bestralingen om de achtergebleven tumorcellen te doden.

       

      Weefselonderzoek (Histologie)

      Afgenomen weefsel wordt in een laboratorium onderzocht door een patholoog. De patholoog bekijkt het weefsel onder een microscoop en geeft de uitslag door aan uw arts.

       

      Tekst video:

      Artsen doen hun uiterste best om te onderzoeken wat er precies met u als patiënt aan de hand is en welke behandeling het best bij u past. Dit doen ze niet alleen, maar samen met verschillende specialisten. De pathologen en analisten in het laboratorium vormen een belangrijke groep experts die de arts helpen om tot een diagnose en een goed behandelplan te komen.

      Hoe doen ze dat? Tijdens onderzoeken of operaties kan er lichamelijk weefsel worden afgenomen. Het materiaal wordt, afhankelijk van de situatie, in een potje ‘bewaar-vloeistof’ of vacuüm geseald naar een pathologie laboratorium gebracht. Na ontvangst in het laboratorium, wordt het materiaal geselecteerd en krijgt het een uniek nummer dat gekoppeld is aan uw naam, zodat het exact te volgen is tijdens het onderzoeksproces.

      Na de eerste selectie wordt het materiaal door medewerkers met het blote oog bekeken en beschreven. Vervolgens worden belangrijke onderdelen van het materiaal in kleine plakjes gesneden en in cassettes geplaatst. Soms zijn er meerdere cassettes nodig om het materiaal in kwijt te kunnen. Dit worden samples genoemd. Het kleinere weefsel kan direct in een cassette gedaan worden.

      Alle cassettes gaan vervolgens een machine in, waar het weefsel wordt ontwaterd, ontvet en in paraffine gegoten wordt. Paraffine kennen we allemaal als kaarsvet en omdat paraffine stolt, ontstaan er na deze bewerking harde blokjes met daarin stukjes weefsel van uw lichaam.

      Deze massieve blokjes kunnen met behulp van een vlijmscherp mes tot hele dunne plakjes worden gesneden. Deze dunne plakjes, ook wel coupes genoemd, zijn maar een paar micrometer dik en worden op een glasplaatje gelegd. Hierna worden deze coupes gekleurd in een machine met een HE-kleuring. Dat staat voor Hematoxyline en Eosine. Deze kleuring zorgt ervoor dat afwijkingen op celniveau zichtbaar zijn onder een microscoop. In sommige gevallen zijn er aanvullende kleuringen nodig om specifieke cel-bestanddelen aan te kunnen tonen. Er wordt dan bijvoorbeeld een immunokleuring of een DNA onderzoek gedaan.

      In de laatste stap beoordeelt de patholoog alle coupes onder een microscoop. Bij twijfel zal de patholoog overleggen met zijn collega’s. Na het stellen van een diagnose wordt de behandelend arts hierover geïnformeerd. Het onderzoeken van weefsel is een intensief proces. Klein weefselonderzoek duurt 3 tot 5 werkdagen. Voor een grotere inzending duurt dit langer. In geval van spoedsituaties kan het weefselonderzoek in 1 à 2 dagen plaatsvinden.

       

      Wilt u de informatie ook bekijken in een animatiefilmpje? Klik dan hier.

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer
      Geprint op 5-3-2024