l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal Harderwijk

0341 - 463911

St Jansdal Lelystad

0341 - 463590

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8.30 - 12 u)

0341 - 463700

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Harderwijk: Medicamus Spoedpost  

0900 - 341 0 341

Website: Medicamus Spoedpost

 

Lelystad: huisartsenpost Medrie  

0900 - 333 6 333

Website: Huisartenpost Lelystad

 

 

 

Voorbereiden_Op-Opname

Liesbreukoperatie

Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en oorzaak van een liesbreuk en de meest gebruikelijke behandelingsmogelijkheden. Het is goed u te realiseren dat bij het vaststellen van een aandoening de situatie voor iedereen weer anders kan zijn.

       

      Wat is een liesbreuk?

      Een breuk (hernia) is een uitstulping van het buikvlies door een zwakke plek of opening in de buikwand. De breuk is herkenbaar als een zwelling ter plaatse. De opening of verzwakking in de buikwand kan ontstaan door aangeboren factoren of door uitrekking van de buikwand. Uitrekking kan optreden in de loop van het leven, bijvoorbeeld door zwaar tillen, toename in lichaamsgewicht, persen bij bemoeilijkte stoelgang, veel hoesten. Het is mogelijk dat de uitstulping van het buikvlies een gedeelte van de buikinhoud bevat. Bij verhoging van de druk in de buik (zoals bij staan, bij persen of hoesten) kan er meer buikinhoud in de uitstulping komen. De breuk wordt dan groter.

       

      Bij een liesbreuk bevindt de uitstulping zich in de liesstreek. Klachten van een liesbreuk worden veelal aangegeven als enig ongemak, een zeurend of branderig gevoel en/of pijn in de liesstreek, maar soms zijn er helemaal geen klachten.

       

      Een liesbreuk verdwijnt nooit vanzelf en kan de neiging hebben groter te worden. Dat kan dan meer klachten gaan geven. Een enkele keer komt het voor dat een breuk bekneld raakt. Dat gaat gepaard met veel pijn. Een spoedoperatie is dan nodig.


      Om een liesbreuk vast te stellen zijn in het algemeen geen ingewikkelde onderzoeken nodig. De arts kan bij u, terwijl u staat, de breuk meestal gemakkelijk vaststellen. Wanneer een breuk bij u is geconstateerd zal de chirurg met u bespreken, hoe in uw geval de breuk behandeld kan worden. In het algemeen zal u een operatie worden geadviseerd. Een breukband wordt nog maar zelden voorgeschreven.

       

      De operatie

      Afhankelijk van de omstandigheden kan de operatie worden uitgevoerd in dagbehandeling of tijdens een kortdurende opname. De anesthesist zal met u bespreken of de operatie onder plaatselijke of algehele verdoving kan plaatsvinden.

       

      Bloedverdunners

      Het gebruik van bloedverdunnende medicijnen moet vaak één dag of een aantal dagen voor de operatie gestaakt worden. Dit moet echter altijd gebeuren in overleg met een arts. Meldt daarom het gebruik van bloedverdunners altijd aan degene die de operatie uitvoert. Indien u op aanraden van uw arts moet stoppen met de bloedverdunners en u bent onder behandeling bij een trombosedienst, dient u contact op te nemen met de trombosedienst binnen uw regio.

       

      Conventionele methode

      Er zijn verschillende technieken om liesbreuken te herstellen. In elk geval wordt er gebruik gemaakt van kunststof materiaal (een plug en/of matje) waarmee de verzwakte plek in de buikwand wordt verstevigd. Dit kunststof materiaal wordt doorgaans goed verdragen door het lichaam.
      In ons ziekenhuis brengen wij dit matje in via een snede aan de voorzijde ter plaatse van of net iets boven de breuk.

       

      Kijkoperatie

      Een liesbreuk kan ook met behulp van een kijkoperatie worden verholpen. Hierbij worden via een aantal kleine gaatjes in de buikwand instrumenten en een camera naar binnen gebracht. Deze techniek wordt in ons ziekenhuis niet vaak toegepast.

      De mogelijke voordelen van een kijkoperatie (kleinere wondjes, sneller herstel, iets minder pijn na de operatie) wegen niet op tegen de nadelen (veel meer kosten, langere duur operatie en kans op ernstige complicaties).

       

      Mogelijke complicaties

      Geen enkele ingreep is vrij van de kans op complicaties. Zo zijn er ook bij deze operatie de normale risico’s op complicaties van een operatie, zoals trombose, longontsteking, nabloeding, wondinfectie.

       

      Een geringe uiting van een bloeding kunt u na enkele dagen herkennen in de vorm van een blauwe verkleuring in het wondgebied, die kan uitzakken naar de basis van de penis en de balzak bij de man en naar de grote schaamlip bij de vrouw. Dat is niet verontrustend.

       

      Roodheid eventueel met pijn en koorts is eventueel een alarmsignaal.
      Indien u deze klachten heeft is het verstandig om contact op te nemen met de polikliniek chirurgie.

       

      Het resultaat van de operatie kan goed lijken. Toch kan het voorkomen dat na verloop van tijd bij een klein aantal van de geopereerde patiënten er op dezelfde plaats opnieuw een breuk ontstaat (een recidiverende breuk). 


      Hoe zo’n recidief hersteld moet worden, zal door de behandelend chirurg nader besproken worden. Meestal zal er dan weer een operatie nodig zijn.

       

      Omdat in het operatiegebied enkele zenuwen lopen - bij de man ook nog de zaadstreng - is een beschadiging van deze structuren denkbaar. Deze complicaties treden gelukkig zelden op.

       

      De consequentie van schade aan een zenuw kan zijn gevoelloosheid of soms juist een blijvende pijnklacht rond het operatiegebied. De gevolgen van schade aan de zaadstreng zelf of een bloedvat daarvan kunnen zijn het kleiner en gevoelloos worden van de zaadbal.

       

      Na de operatie

      Na de operatie kan het operatiegebied pijnlijk zijn. Gebruik de eerste dagen na de operatie 4 maal daags 1000 mg paracetamol.

      Afhankelijk van de operatiemethode, de grootte van de ingreep en individuele factoren zult u na ontslag nog enige tijd hinder kunnen ondervinden van het operatiegebied.

      U heeft geen beperkingen bij lichamelijke activiteiten. Meestal is pijn echter een beperkende factor. Het is raadzaam om zwaar lichamelijke inspanningen kort na de operatie te vermijden. De pijn houdt zo’n twee weken aan en geeft de meeste patiënten die geopereerd zijn enige belemmeringen.

      Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u een afspraak mee voor controle op de polikliniek.
       

      Vragen

      Mocht u nog vragen hebben over de behandeling, dan kunt u contact opnemen met de poli chirurgie, bij voorkeur tussen 8.30 en 9.00 uur, telefoon (0341) 463777.

       

      Heeft u na uw bezoek aan het ziekenhuis vragen?

       

      • De eerste vijf dagen na het bezoek kunt u contact met ons opnemen via het algemene nummer van het ziekenhuis: 0341-463911. De receptioniste zal u doorverbinden met de afdeling waar u uw vraag kunt stellen.

       

      • Is het langer dan vijf dagen geleden? Neem dan contact op met uw eigen huisarts of buiten kantoortijden met de Huisartsenpost via 0900 – 341 0 341

       

      Tot slot

      Bent u van mening dat bepaalde informatie ontbreekt of onduidelijk is, dan vernemen wij dat graag.

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer