l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal receptie (alle locaties)

0341 - 463911

Afsprakenbureau 

0341 - 463890

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8.30 - 12 u)

0341 - 463700

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Harderwijk: Medicamus Spoedpost  

0900 - 341 0 341

Website: Medicamus Spoedpost

 

Lelystad: huisartsenpost Medrie  

0900 - 333 6 333

Website: Huisartenpost Lelystad

 

 

 

Voorbereiden_Op-Opname
Folders

Zwanger na een keizersnede: wel of niet vaginaal bevallen?

Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Keuzehulp St Jansdal ziekenhuis

      U staat voor de keuze van een vaginale bevalling of opnieuw een keizersnede. In deze folder zetten wij de dingen voor u op een rijtje. We hopen dat dit de keuze vereenvoudigt. In de folder spreken we om de leesbaarheid te vergroten, over de gynaecoloog als "zij".

       

      Inleiding

      U bent zwanger nadat u in het verleden een keizersnede kreeg. Het doel van deze keuzehulp is, om de best mogelijke manier van bevalling te kiezen voor deze nieuwe zwangerschap. Hierbij is het belangrijk dat u en uw partner volledig achter de keuze staan.

       

      De gynaecoloog bespreekt met u welke methode van bevallen zij voor u het meest veilig inschat. Daarbij is er altijd ruimte om uw ervaringen over de vorige keizersnede/bevalling met haar te bespreken. Zo krijgt u meer vertrouwen in de uiteindelijke keuze.

       

      Wanneer u als zwangere de opties goed kent heeft u minder angst voor de bevalling en voelt u zich actiever betrokken bij de eigen zwangerschap en bevalling. Zo is er meer kans op een positieve ervaring in plaats van een traumatische ervaring, ongeacht hoe de bevalling uiteindelijk verloopt.

       

      Vaginaal bevallen versus een geplande keizersnede

      Voor de hele groep van vrouwen met een keizersnede in het verleden, geldt dat de totale kans op complicaties kleiner is bij vrouwen die vaginaal bevallen. Bij gemiddeld 75% van de vrouwen die dit probeert lukt dat ook en voor de totale groep is een geplande keizersnede dus niet beter.

      Echter uw kans van slagen hangt af van de reden waarom u een keizersnede kreeg in het verleden en kan dus kleiner of groter zijn. Dit kan uw uiteindelijke keuze beïnvloeden.

      Na een gesprek over de voor- en nadelen kiezen gemiddeld 3 van de 4 vrouwen voor een vaginale bevalling en 1 van de 4 voor een geplande keizersnede.

       

      Optie vaginale bevalling

      De vaginale bevalling:

      De bevalling begint spontaan, alleen als er een strikte reden is, leiden we de bevalling in.

      De bevalling gebeurt altijd in het ziekenhuis onder leiding van de klinisch verloskundige. Zo nodig komt de gynaecoloog erbij.

      De hartslag van de baby bewaken we door middel van een hartfilmpje. Dit om vroegtijdig problemen te signaleren. Zowel de conditie van de baby als de sterkte van het litteken in de baarmoeder bewaken we hiermee.

      Als de bevalling niet vlot verloopt, de conditie van de baby het nodig maakt of er een vermoeden is van problemen met het litteken doen we alsnog een keizersnede.

       

      Voordelen vaginale bevalling:

      • De bevalling begint op de natuurlijke manier. Het is de meest natuurlijke overgang voor de baby van het zuurstof krijgen via de navelstreng naar het zelf gaan ademen.

      • De kans dat de bevalling lukt is 75%. Sommige factoren maken deze kans lager of hoger: zie hieronder.

      • Als u vaginaal bevalt zonder complicaties mogen u en de baby 2 uur na de bevalling weer naar huis.

      • Uw lichaam herstelt vlotter na een vaginale bevalling dan na een keizersnede en u heeft geen extra risico bij een volgende zwangerschap en bevalling.

       

      Nadelen vaginale bevalling:

      • Weeënpijn: hiervoor is pijnstilling door middel van een pijnpompje of ruggenprik mogelijk. Zie hiervoor de folder pijnbestrijding tijdens de bevalling.

      • Kans op inscheuren of inknippen bij de bevalling.

      • Kans op een bevalling middels een zuignap (vacuümpomp) of tang.

      • Kans dat er toch nog een keizersnede gebeuren moet.

       

      Risico’s vaginale bevalling:

      Risico van gemiddeld 5 op 1000 dat de baarmoeder scheurt ten tijde van de weeën.  

      Risico op zuurstoftekort bij de baby als de baarmoeder scheurt.

      Een vaginale bevalling na een eerdere keizersnede moet ook voorspoedig verlopen. Als de bevalling niet vlot verloopt, zal een keizersnede plaatsvinden.

      De risico’s van een keizersnede bij een niet geslaagde vaginale bevalling zijn hoger dan de risico’s van een keizersnede bij een geplande operatie: zoals bloeding, infectie, blaasletsel, enz.

       

      Scheuren van het litteken in de baarmoeder tijdens de weeën: ‘uterusruptuur’

      De grootste angst is de angst voor een uterusruptuur. Dit is het scheuren van het litteken in de baarmoeder tijdens de bevalling.

      Deze kans is afhankelijk van risicofactoren zoals bijvoorbeeld het gebruik van medicatie bij een inleiding of tijdens de bevalling. Gemiddeld genomen is de kans 5 op 1000 vrouwen die starten met een vaginale bevalling met een litteken in de baarmoeder.

      Bij een baarmoederscheur is er een kans op schade voor de baby door zuurstofgebrek of overlijden. Dit is echter net zo hoog als bij een vrouw die vaginaal van haar eerste kindje bevalt.

      Om bovengenoemde redenen kunt u alleen kiezen voor een vaginale bevalling als u niet meer dan 2 keizersnedes in het verleden hebt gehad, als er geen littekens in de baarmoeder zijn door andere operaties en als u nooit een uterusruptuur kreeg.

      Als de baarmoeder scheurt is er verder een hele kleine kans dat de baarmoeder verwijderd moet worden.

       

      De kans op een uterusruptuur is bij een vaginale bevalling hoger dan bij een keizersnede. Deze is bij een keizersnede echter ook niet afwezig. Dan is de kans 0,3 op 1000 vrouwen dat dit toch gebeurt.

       

      Factoren die de kans van 75% op een geslaagde bevalling doen verminderen:

      • Een inleiding vermindert de kans met 10%.

      • Als u niet eerder vaginaal bevallen bent.

      • Als uw keizersnede gedaan werd wegens niet vorderende bevalling.

      • Als u een BMI van meer dan 30 heeft.

      • Als al deze factoren aanwezig zijn is de kans op een succesvolle bevalling 40%.

       

      Andere ongunstige factoren die genoemd worden maar niet bewezen zijn: een zwangerschapsduur van meer dan 41 weken, een geboortegewicht boven de 4000 gram, een hogere leeftijd van de moeder, een eerdere keizersnede voor de 37e week, minder dan twee jaar tussen de 2 bevallingen, korte lengte van de moeder (kleiner dan 1,55 m).

       

      Factoren die de kans van 75% op een geslaagde bevalling verhogen:

      • Een geslaagde vaginale bevalling in het verleden. Hiermee stijgt de kans naar 90%.

      • Als de keizersnede de vorige keer gepland was, zoals bijvoorbeeld bij een stuitligging.

      • Als de vorige keizersnede gedaan werd omdat de hartslag van de baby niet goed was.

      • Als er toen een inleiding was en de weeën nu spontaan beginnen.

       

      Optie geplande keizersnede

      De geplande keizersnede:

      De keizersnede vindt plaatst op een vooraf afgesproken dag tussen de 39 en 40 weken zwangerschap. Enkele dagen tot weken voor de keizersnede bespreekt u met de anesthesist de verdoving. Verdoving gebeurt door een ruggenprik.

      Op het operatiecomplex blijven u en de baby in principe steeds bij elkaar.

      Na de keizersnede moeten u en de baby nog 48 uur in het ziekenhuis blijven.

       

      Voordelen keizersnede:

      • De kans op een uterusruptuur is kleiner dan dat u vaginaal bevalt, echter niet afwezig. De kans is 0,3 per 1000 vrouwen.

      • Uitkomsten voor moeder en kind zijn beter na een geplande keizersnede dan na een keizersnede na een niet geslaagde vaginale bevalling (ongeplande keizersnede).

       

      Nadelen keizersnede:

      • Langere ziekenhuisopname, wondpijn, trager herstel ten gevolge van de operatie en de pijn.

      • De hersteltijd duurt gemiddeld 6 weken.

      • Extra risico bij een volgende zwangerschap en bevalling. Met elke keizersnede verhoogt het risico op: een voorliggende of ingegroeide placenta, de noodzaak om de baarmoeder te verwijderen, de kans op een bloedtransfusie en de kans op verklevingen.

       

      Risico’s keizersnede:

      Een keizersnede is een buikoperatie waarbij complicaties mogelijk zijn:

      Er is kans op een bloeding: het gemiddeld bloedverlies bij een keizersnede is meer dan na een gewone bevalling. De wond kan infecteren of er ontstaat een blaasontsteking. Er kan schade ontstaan aan de blaas, urineleider of aan de darm. Ook kunnen er verklevingen ontstaan. U heeft een verhoogd risico op trombose; dit zijn bloedpropjes in de benen of longen.

      In een zeldzaam geval moet  de baarmoeder verwijderd. Er kunnen problemen ontstaan met de ruggenprik, bloeddruk, hartslag of ademhaling.

      Het risico op ernstige schade van de moeder is kleiner dan 1%.

      Er is risico op een ‘natte long’ bij de baby: omdat de baby niet wordt voorbereid op zijn geboorte door middel van weeën blijft er meer vocht in de longetjes zitten waar de baby last van kan hebben. Risico bij 37 weken 8%, risico bij 38 weken 5,5%, risico bij 39 weken 3,4%.

       

      Denk erover na hoeveel kinderen u graag wilt, elke keizersnede brengt meer risico’s op complicaties met zich mee, zeker vanaf de 3e keizersnede.

       

      Lange termijn

      Milde complicaties bij de baby komen zowel bij de vaginale bevalling als bij de geplande keizersnede in minder dan 5% van de bevallingen voor. Bij een geplande keizersnede worden vaker ademhalingsproblemen gezien maar bij een vaginale bevalling meer problemen met de geboorte van de schouders. Er is geen verschil in neurologische schade of langetermijnuitkomst. Er is dus geen verschil in de kans op blijvend ernstig letsel bij de baby tussen de twee methoden.

       

      Risico op sterfte

      De kans op sterfte van moeder of kind na een vaginale bevalling of een keizersnede is heel erg klein. Omdat dit grote gevolgen heeft moeten we het echter wel noemen.

      Voor de moeder is de kans op sterfte 3x zo hoog bij een keizersnede dan na een geslaagde vaginale bevalling. Echter nog maximaal 0,1 per 1000 vrouwen.

      Voor de baby is de kans op sterfte 3x zo hoog bij een vaginale bevalling dan bij een geplande keizersnede. Echter nog maximaal 1 per 1000 vrouwen.

       

      Samenvatting

      Een succesvolle vaginale bevalling heeft de minste complicaties.

      De kans dat een vaginale bevalling slaagt is dus een belangrijk item in de keuze vaginaal te bevallen of per keizersnede.

      De grootste kans op problemen bij de moeder is als de vaginale bevalling toch nog eindigt in een keizersnede.

      Een vaginale bevalling moet spontaan beginnen (tenzij het medisch niet anders kan). Medicatie om de bevalling op te wekken of bij te stimuleren geeft namelijk een 2 tot 3 keer verhoogd risico op het scheuren van de baarmoeder en ongeveer 1,5 keer zoveel kans op alsnog een keizersnede.

      Het risico dat de baarmoeder scheurt tijdens de bevalling is 5 per 1000 vrouwen.

      Het risico op overlijden van de baby door een vaginale bevalling is extreem laag en hetzelfde als vrouwen die zwanger zijn van hun eerste kindje en voor het eerst gaan bevallen.

      Een geplande keizersnede is geassocieerd met een klein verhoogd risico op een voorliggende of ingegroeide moederkoek in de volgende bevalling. En geeft een verhoogde kans op verklevingen in de buik wat toekomstige buikoperaties moeilijker kan maken.

      Het risico op sterfte van de baby ten gevolge een geplande keizersnede is extreem laag.

       

      Tot slot

      Er is geen fout besluit. Maak de keus weloverwogen. Het meest belangrijke is dat u achter uw besluit staat en er vertrouwen in hebt.

      Beide opties, vaginale bevalling of opnieuw een keizersnede, zijn veilig. Echter beide opties hebben hun eigen voordelen en hun eigen risico’s. Het doel is om in de zwangerschap de voor u meest passende optie te vinden.

       

       

      Bronvermelding

      De tekst uit deze folder is gebaseerd op informatie die u terug kunt vinden op de website van de NVOG: de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie.

      De tekst is aangepast op de situatie in het St Jansdal.

      De tekst is geschreven door de Voorlichtings-Coördinatoren van het Moeder&Kind Centrum: gynaecologen, 2e lijns verloskundigen, O&G-verpleegkundigen en een poli-assistente

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer
      Geprint op 28-2-2020