LARS (Low Anterior Resectie Syndroom)

Inleiding

Low anterior resectie

Low Anterior Resectie (LAR) is de beste operatie voor kanker in de endeldarm of een tumor laag in de dikke darm. Na deze operatie verandert de endeldarm. Dit kan klachten geven. U kunt één of meer klachten hebben.

De ontlasting wordt meestal niet meer zoals vroeger. Na een endeldarmoperatie is het normaal om 3 tot 7 keer per dag naar het toilet te moeten.
Ongeveer een derde van de mensen krijgt na deze operatie één of meer klachten zoals hieronder beschreven.

Klachten

Klachten na een endeldarmoperatie en waarom ze ontstaan?

  • De endeldarm is een soort voorraadbakje. Hij geeft een seintje als de darm vol is. Als een deel van de endeldarm wordt verwijderd, werkt dit seintje soms niet meer goed. Het kan dan anders aanvoelen als u naar het toilet moet, of dit gevoel helemaal verliezen. Ook kan de endeldarm minder ontlasting opslaan.

  • Door de operatie kunnen de zenuwen in het bekken beschadigd raken. Dan werkt de anus soms minder goed. De anus kan dan de ontlasting niet goed tegenhouden. Vooral vrouwen kunnen hier sneller last van krijgen, bijvoorbeeld als de kringspier door een bevalling al wat minder sterk is.

  • Tijdens de operatie zijn de darmen weer aan elkaar gezet. Hoe dichter de nieuwe aansluiting bij de anus zit, hoe meer klachten u kunt krijgen. U kunt vaker aandrang voelen of soms ontlasting of winden verliezen zonder dat u dat wilt. Het kan ook moeilijk zijn om te merken wat ontlasting is en wat windjes zijn.

  • Na de operatie is de darm korter. De ontlasting gaat dan sneller door de darm. Hierdoor kan de ontlasting dunner of waterig zijn en moeilijker tegen te houden. U moet vaker naar het toilet. Soms bent u afhankelijk van een toilet in de buurt. Dit kan uw dagelijkse leven en sociale leven beïnvloeden.

  • Bij ernstige klachten, ook ’s nachts, kan dit leiden tot weinig slaap. Hierdoor kunt u uw werk of dagelijkse taken mogelijk slechter doen.

  • Niet alleen de ontlasting kan problemen geven. Ook andere dingen kunnen moeilijker gaan, zoals seks, plassen of pijn. Deze klachten kunnen uw kwaliteit van leven beïnvloeden.

Praat hierover met uw arts of stomaverpleegkundige
Om te begrijpen welke klachten u heeft, vragen wij u de LARS-score in te vullen (zie bijlage 1).

Als uw score hoger is dan 20, heeft u last van LARS. Hoe u de klachten ervaart en hoe u ermee omgaat, is voor iedereen anders.

De klachten hangen vooral af van de dikte van de ontlasting. U kunt op de Bristol Stool score (zie bijlage 2) aangeven welk soort ontlasting u heeft. De beste score is 3 of 4.

Bijlage 1: LARS score

Bijlage 1 LARS score

Bent u wel eens in de situatie geweest dat u geen controle had over het laten van windjes?

  • Nee, nooit

  0

  • Ja, minder dan één keer per week

  4

  • Ja, tenminste 1 keer per week

  7

 

Bent u wel eens in de situatie geweest dat u dunne ontlasting niet kon ophouden?

  • Nee, nooit

  0

  • Ja, minder dan één keer per week

  3

  • Ja, tenminste één keer per week

  3

 

Hoe vaak gaat u naar het toilet voor ontlasting?

  • Meer dan zeven keer per dag (24 uur)

  5

  • Vier tot zeven keer per dag (24 uur)

  4

  • Eén tot drie keer per dag (24 uur)

  2

  • Minder dan één keer per dag (24 uur)

  0

 

Moet u wel eens binnen een uur opnieuw naar het toilet voor ontlasting?

  • Nee, nooit

  0

  • Ja, dit gebeurt minder dan één keer per week

  9

  • Ja, dit gebeurt tenminste één keer per week

  11

 

Heeft u wel eens zo’n aandrang van ontlasting dat u zich naar het toilet moet haasten?

  • Nee, nooit

  0

  • Ja, dit gebeurt minder dan één keer per week

  11

  • Ja, dit gebeurt tenminste één keer per week

  16

 

Totaal score

 

Interpretatie score 

0 - 20 geen LARS                  21 - 29 milde LARS                          30 - 42 ernstige LARS

Bijlage 2: Bristol Schaal

Bristol schaal

met vormen van ontlasting instructiekaart

  1. Harde losse keutel (moeilijke stoelgang)

  2. Worstvormige samengekleefde keutels

  3. Worstvormige stoelgang, brokkelig van structuur

  4. Worstvormige stoelgang met een zachte en gladde structuur

  5. Zachte ontlasting met duidelijke contouren (makkelijke stoelgang)

  6. Zachte tot zeer zachte ontlasting met onduidelijke contouren

  7. Waterige stoelgang, geen structuur aanwezig (geheel vloeibaar)