l

Direct contact

Telefoonnummers

Algemeen (receptie)

0341 - 463911

Afsprakenbureau, incl Dronten en Nijkerk 

0341 - 463890

Informatielijn inwoners Flevoland

0341- 463590

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Vragen over MijnStjansdal.nl (8.30 - 12 u)

0341 - 463700 

 

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Medicamus Spoedpost (Harderwijk) 

0900 - 3410341

Website Medicamus Spoedpost Harderwijk 

Voorbereiden_Op-Opname

Carpaal tunnelsyndroom

Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Inleiding

      Deze folder geeft u een overzicht van de oorzaak en klachten van het carpale tunnelsyndroom (CTS) en hoe dit chirurgisch behandeld kan worden.
       

      Wat is het carpale tunnelsyndroom?

      Dit is een klachtenpatroon veroorzaakt door beknelling van de middelste zenuw (nervus medianus) in de zogenaamde carpale tunnel. Dit is een nauw kanaal dat wordt gevormd door de handwortelbeentjes en een stevig peesblad aan de handpalmzijde van de pols dat tussen pink- en duimmuis loopt (de dwarse polsband). Door die tunnel verlopen ook de buigpezen van de vingers.

       


      De beknelling van de zenuw ontstaat door zwelling van het bindweefsel waardoor de druk in de tunnel toeneemt.

      Wat voor klachten geeft het carpale tunnelsyndroom?

      De klachten die horen bij het carpale tunnelsyndroom kunnen nogal uiteenlopen. Zo kunt u last hebben van:

      • Een prikkelend en pijnlijk gevoel of tintelingen in de vingers en in de hand.
      • Een doof gevoel in de handpalm en in de vingertoppen.
      • Een gezwollen, dik gevoel in de hand.
      • Uitstralende pijn naar de onderarm, elleboog en schouder.
      • Krachtverlies in uw hand waardoor u zomaar dingen kunt laten vallen.

       

      Vaak komen deze klachten in de loop van de nacht voor en wordt u er wakker van. De klachten kunnen ook dubbelzijdig voorkomen. Merkwaardig is dat de klachten nogal eens tijdens zwangerschap of aan het begin van de overgang optreden.
       

      Hoe wordt de diagnose gesteld?

      Op grond van het klachtenpatroon kan de diagnose vaak al worden vermoed. Indien bij lokale druk op de nervus medianus de klachten toenemen of zich voordoen, wordt het al waarschijnlijker. Om zeker te weten of er sprake is van het carpale tunnelsyndroom zal de neuroloog een EMG (Electromyogram, ofwel spier- en zenuwonderzoek) verrichten. Bij lichte vormen van CTS kan het EMG normaal zijn.
       

      Voorbereiding

      Wanneer u bloedverdunnende medicijnen gebruikt moet u dit melden aan de degene die de ingreep uitvoert.

       

      Vriendelijk doch dringend verzoek

      Wilt u sieraden aan de te opereren hand voor de ingreep verwijderen?
       

      Hoe gaat de operatie?

      De operatie is erop gericht de druk op de zenuw weg te nemen. Hiertoe wordt een kleine snede gemaakt in de handlijn. De dwarse polsband die de begrenzing vormt van de tunnel waar doorheen de beklemde zenuw loopt, wordt gekliefd. Hierdoor ontstaat meer ruimte voor de zenuw. Hierna wordt de wond gesloten. De hechtingen worden tijdens de afspraak op de polikliniek verwijderd.
      De ingreep duurt ongeveer 15 minuten.
      De ingreep wordt gedaan onder bloedleegte, zodat de operateur goed zicht heeft op de zenuw. Hiervoor wordt  een bloeddrukband om uw bovenarm strak opgepompt tijdens de operatie. Dit veroorzaakt vaak een prikkelend gevoel in de vingers. Aan het eind van de procedure wordt - nadat een drukverband is aangelegd om hand en pols - de bloeddrukband weer losgemaakt.
       

      Hoe gaat de verdoving?

      De operatie vindt plaats onder plaatselijke verdoving. Deze verdoving wordt kort voor de operatie door middel van een injectie precies op de plaats waar geopereerd zal worden. Tijdens de operatie voelt u wel dat de operateur bezig is, maar dit is niet pijnlijk. U bent volledig bij bewustzijn. Voor deze lokale verdoving hoeft u niet nuchter te zijn.
       

      Wat mag ik na de operatie met de hand?

      • Drukverband en mitella afdoen na 24 uur.
      • Meteen beginnen met bewegen van de vingers. Buigen en strekken zonder teveel kracht te zetten.
      •  
      • Na 24-48 uur pleister van de wond verwijderen.Bij pijnklachten de eerste dagen na de operatie kunt u paracetamol gebruiken. Drie à vier keer daags 1000mg.

       

      Wat voor complicaties kunnen optreden?

      Complicaties komen gelukkig weinig voor. Een nabloeding uit de wond en soms een wondinfectie zijn de belangrijkste complicaties die kunnen optreden. Tijdens de ingreep kan de zenuw beschadigd worden, maar dit is zeldzaam.
      Slechts zeer zelden blijkt achteraf de operatie niet afdoende en moet opnieuw worden

      geopereerd. Dit wordt echter nooit binnen zes maanden gedaan.
       

      Word ik nog gecontroleerd?

      Twee weken na de ingreep krijgt u een afspraak op de polikliniek en worden de hechtingen verwijderd. In de tussentijd mag u de hand zoveel mogelijk normaal gebruiken.
       

      Zijn mijn klachten na de operatie meteen over?

      Bij 75-90 % van de patiënten geeft de operatie aanzienlijke verbetering van de klachten of volledige genezing. De eerste week na de operatie kan de hand nog dik en/of blauw zijn. Graag tijdens deze week uw hand zoveel mogelijk hoog houden. Dit voorkomt stuwing en stilstaan van het vocht in de hand. De tintelingen verdwijnen vaak snel. De knijpkracht van de duim kan na de operatie minder zijn omdat de spieren van de duimmuis gedeeltelijk worden losgemaakt. Dit herstelt meestal in twee tot drie maanden.
      U kunt nog enkele maanden last hebben van af en toe een stekende pijn in de handpalm, rond de wond, met name bij druk of kracht zetten en dove vingertoppen. Het litteken kan de eerste maanden gevoelig blijven.
      Als er verminderd gevoel in de vingertoppen is/was kan het herstel hiervan wel drie tot zes maanden duren.
       

      Wanneer kan ik weer werken?

      Dat hangt sterk af van de aard van uw werkzaamheden. Als regel geldt dat u minstens twee weken rustig aan moet doen met krachtinspanning.
      Als ik CTS aan beide handen heb, wanneer wordt de andere kant dan geopereerd?
      Er wordt nooit aan twee kanten tegelijk geopereerd. Pas wanneer één kant is genezen en u tevreden over het resultaat bent, kunt u zelf bellen wanneer u de andere zijde ook wilt laten opereren. U wordt dan ingepland.
       

      Vragen

      Heeft u na uw bezoek aan het ziekenhuis vragen?

      • De eerste vijf dagen na het bezoek kunt u contact met ons opnemen via het algemene nummer van het ziekenhuis: 0341-463911. De receptioniste zal u doorverbinden met de afdeling waar u uw vraag kunt stellen.
      • Is het langer dan vijf dagen geleden? Neem dan contact op met uw eigen huisarts of buiten kantoortijden met de Huisartsenpost via 0900 – 341 0 341

       

       

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer