l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal Harderwijk

0341 - 463911

St Jansdal Lelystad

0341 - 463590

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8.30 - 12 u)

0341 - 463700

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Harderwijk: Medicamus Spoedpost  

0900 - 341 0 341

Website: Medicamus Spoedpost

 

Lelystad: huisartsenpost Medrie  

0900 - 333 6 333

Website: Huisartenpost Lelystad

 

 

 

Voorbereiden_Op-Opname

Voedingsadviezen bij smaak- en reukveranderingen

Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Smaak- en reukverandering is een probleem dat veel voorkomt bij patiënten met kanker. Zowel vóór het stellen van de diagnose, als tijdens en na afloop van de behandeling, geven veel patiënten aan last te hebben van smaak- en reukveranderingen. Bij veel patiënten herstellen de smaak en de reuk zich na afloop van de totale behandeling. Soms zijn de klachten echter blijvend.

       

      Voeding wordt behalve als bijdrage aan leven, gezondheid  en herstel ook gebruikt omdat het lekker is. Een aangename smaak en reuk vormen een belangrijke motivatie om te eten. Storingen in de smaak belemmeren daarom gemakkelijk de inname van voedsel, met als gevolg dat u de voedingsmiddelen die klachten geven gaat vermijden en uw voeding eenzijdig wordt. Dit heeft weer consequenties voor uw voedingstoestand.

       

      Waarom is voeding zo belangrijk?

      Een goede voeding kan bijdragen aan een betere conditie  en aan uw algemene welbevinden. Bovendien vergroot een goede voedingstoestand uw weerstand en heeft het invloed op de duur en de ernst van de complicaties en bijwerkingen van behandelingstherapieën bij kanker. Alle reden dus om aandacht aan uw voeding te besteden.

       

      Smaakveranderingen

      Proeven is onderzoeken hoe iets smaakt. Een aangename smaak vormt een belangrijke motivatie om te eten. Bij alle vormen van kanker kunnen smaakproblemen ontstaan door veranderingen in de smaakdrempels voor zout, zuur, zoet en bitter. Daarnaast kan de smaak veranderen door de ligging van de tumor (bijvoorbeeld in de mond), door bestraling op het hoofd- en halsgebied en door bepaalde chemokuren. Klachten die op kunnen treden zijn: vieze smaak, minder smaak, veranderingen in smaakbeleving en geheugen. Dit kan zelfs leiden tot een afkeer van bepaalde voedingsmiddelen.

      In dit hoofdstuk komen alle adviezen bij smaakveranderingen aan bod.

       

      Algemene  adviezen:

      • Wanneer u voldoende drinkt, voorkomt u uitdroging en treden een vieze smaak, een droge mond en misselijkheid minder snel op. De nieren hebben bovendien vocht nodig om alle afvalstoffen (weefselafbraak bij o.a. chemo- en radiotherapie) af te kunnen voeren. Zorg dus voor voldoende vocht (minimaal 1,5 liter per dag). Forceer  deze hoeveelheid echter niet. Geforceerd drinken kan een misselijk gevoel veroorzaken.

      • Door middel van kauwen en zuigen worden de speekselklieren gestimuleerd om dun, waterig speeksel te produceren. Hierdoor bent u wellicht beter in staat om te proeven. Neem iets friszuurs om op te kauwen of om op te zuigen. Bijvoorbeeld een zuurtje, pepermunt, (suikervrije) kauwgom, zacht snoep of een waterijsje. Ook friszure producten als tomaat, komkommer, augurk, appel, zilveruitjes kunnen helpen.

      • U kunt het eten, ondanks de smaakverandering, een stuk aantrekkelijker maken, door aandacht te besteden aan het uiterlijk van de maaltijd, zoals de portiegrootte, het soort servies, de kleurencombinatie en een frisse omgeving.

      • Roken kan de smaak negatief beïnvloeden.

       

      Vieze smaak

      Een vieze smaak in de mond kan ontstaan door radio- of chemotherapie. Deze behandelingen kunnen onder andere een metaalsmaak of ‘rottings’-smaak in de mond veroorzaken. U kunt ook het idee hebben dat alles naar leer smaakt. De vieze smaak verdwijnt meestal na afronding van de behandeling.

       

      Adviezen:

      • U kunt uw vieze smaak in uw mond wellicht onderdrukken, door gebruik te maken van (suikervrije) kauwgom of een snoepje.

      • Een goede mondhygiëne kan (tijdelijk) de vieze smaak verminderen. Voor een goede mondhygiëne kunt u bijvoorbeeld gebruik maken van een speciale tandpasta, mondwater of tandvleesbalsem. Voor meer informatie kunt u terecht bij de oncologisch verpleegkundige, tandarts of mondhygiëniste.

      • Sommige voedingsmiddelen zijn in staat de vieze smaak even weg te nemen. Probeer voedingsmiddelen of gerechten met een sterk uitkomende smaak, bijvoorbeeld nasi of bami. Bij sommige mensen geven voedingsmiddelen met een sterk uitkomende smaak alleen maar meer smaakafwijkingen. Het is vooral van belang om uit te proberen wat in uw situatie het beste helpt.

       

      Veranderingen in smaakbeleving

      Met veranderingen in smaakbeleving wordt bedoeld dat voedingsmiddelen anders smaken dan voorheen. Het kan zijn dat u voor uw ziekte bijvoorbeeld drie klontjes suiker in uw thee deed en dat u er nu niet meer aan moet denken om suiker te gebruiken. Of dat u eerst vrijwel zoutloos kookte, maar dat u nu overal zout aan toevoegt. Misschien heeft u ook gemerkt dat u nu zuur fruit (sinaasappel en citroen) meer waardeert dan de zoete fruitsoorten, zoals banaan en perzik, terwijl u het vroeger juist zo lekker vond om een banaan te eten.

       

      Het kan ook voorkomen dat u voedingsmiddelen als koffie, witlof en spruitjes ineens niet meer kunt waarderen, omdat u de bittere smaak nu veel intenser beleeft. Soms is het nodig helemaal opnieuw te ontdekken wat wel en wat niet lekker smaakt.

       

      Adviezen:

      • Friszure gerechten worden bij smaakveranderingen over het algemeen meer gewaardeerd. Probeert u eens kip met ananas of vlees met schijfjes gebakken appel.
      • Als er veranderingen in uw smaakbeleving zijn opgetreden, kan het voorkomen dat u bepaalde voedingsmiddelen, in tegenstelling tot vroeger, nu wel weet te waarderen. Probeer dus ook de voedingsmiddelen te gebruiken die u voor uw ziekte niet lekker vond.
      • Voedingsmiddelen die gisteren niet smaakten kunnen vandaag beter smaken en omgekeerd! De smaakbeleving kan per dag sterk wisselen. Blijf daarom alle voedingsmiddelen uitproberen.
      • Breng afwisseling aan in de verschillende smaken. Wissel zoete, zure en bittere voedingsmiddelen met elkaar af.
      • Om het smaakverlies te compenseren kunt u gebruik maken van extra suiker, zout en kruiden. U kunt bij elke maaltijd bijvoorbeeld alvast peper, zout, mosterd, suiker en tomatenketchup op tafel zetten.

       

      Bij een sterk uitkomende smaak:

      • Neutraal smakende voedingsmiddelen wordenover het algemeen meer gewaardeerd bij smaakafwijkingen. Voorbeelden van neutraal smakende voedingsmiddelen zijn: gekookte aardappelen, rijst, pap of pasta.
      • Temperatuur beïnvloedt de smaak. Kijk op welke temperatuur gerechten het beste smaken. Koude gerechten hebben vaak een minder sterke smaak dan warme.
      • U kunt de bittere smaak van vlees proberen te onderdrukken, door bijvoorbeeld wijn of bier in soepen en sauzen te doen, door het vlees te marineren (zoals bij satévlees en bij speklappen) en door meer en sterkere kruiden en specerijen te gebruiken.
      • U kunt zure en scherpe voedingsmiddelen verzachten door er een scheutje room of crème fraiche aan toe te voegen, bijvoorbeeld aan appelmoes, sinaasappelsap, tomatensoep of zuurkool.
      • Als u zuur fruit zoals sinaasappel, grapefruit, citroen of sap, niet kunt verdragen, kunt u het vervangen door zoet fruit zoals een peer, perzik, banaan, fruit uit blik, druivensap, dubbeldrank of perensap.
      • Gekoelde dranken smaken minder zoet dan ongekoelde dranken. Sommige soorten sportdranken smaken minder zoet, net zoals ijsthee.
      • Als vruchtensappen irritatie in uw mond veroorzaken, zijn limonadesiropen zoals Roosvicee of Karvan Cevitam een goede vervanging. Deze dranken bevatten namelijk ook extra vitamine C.

       

      Afkeer van voedingsmiddelen

      Afkeer (aversie) van bepaalde voedingsmiddelen kan ontstaan doordat de smaak verandert. Waardoor de smaak verandert is onbekend.

       

      Vaa k treed t ee n afkee r o p va n warm e producte n di e ster k ruiken. Koffie staat meestal het eerste tegen, al snel gevolgd door de warme maaltijd, waarbij gebakken vlees, bouillon of soep de meeste problemen geven. Ook is het mogelijk dat het drinken van alcohol en het roken van een sigaret niet meer smaken.

       

      Adviezen:

      • Tijdens de kuurdagen is het van belang dat u het eten niet forceert (dit geldt eigenlijk altijd). Geforceerd eten kan misselijkheid veroorzaken. Probeert u wel voldoende te drinken!
      • Als bepaalde voedingsmiddelen echt tegenstaan, probeert u ze dan niet alsnog te eten, vaak verergert dit juist de misselijkheid en het ontneemt de eetlust.
      • Het kan voorkomen dat u een aversie ontwikkelt voor het voedsel dat vlak voor het toedienen van de chemotherapie is genuttigd. Probeer daarom ongeveer 1 uur voor aanvang van de behandeling zo weinig mogelijk of helemaal niets te eten.
      • Probeer een vervanging te zoeken voor voedingsmiddelen of gerechten die bij u een afkeer veroorzaken. Bijvoorbeeld warme chocolademelk in plaats van koffie, of probeer in plaats van warm vlees koud vlees, vleesbeleg of vis.
      • Indien de warme maaltijd u tegenstaat, is het aan te raden een vervanging te zoeken, omdat u anders veel voedingsstoffen mist.

       

      Verandering in smaakgeheugen

      Herkent u de volgende situatie: Iemand wil u verwennen en vraagt u wat u s avonds graag wilt eten. U zegt dan bijvoorbeeld tuinbonen met spekjes. Maar als u dan aan tafel zit en de eerste hap neemt, herkent u de smaak van de bonen helemaal niet. U dacht dat ze heel anders smaakten en eet ze vervolgens niet met plezier op.

       

      Uw smaakbeleving kan zo veranderd zijn, dat deze niet meer overeenkomt met uw smaakgeheugen.

      • U kunt niet altijd meer op uw smaakgeheugen vertrouwen.

      Het kan zijn dat voedingsmiddelen u opeens tegenstaan of dat u bepaalde dingen niet meer lust. Hierdoor kunnen teleurstellingen ontstaan bij u, maar ook bij anderen. Informeer anderen hierover, dit kan misverstanden voorkomen.

      • De reuk en het smaakgeheugen komen niet altijd meer overeen met de smaak. Probeert u daarom van alles dat u aangeboden krijgt te proeven.

       

       

      Reukveranderingen

      Een groot aantal patiënten dat behandeld wordt met chemotherapie klaagt tijdens en soms ook geruime tijd na de behandeling over veranderingen van het reukvermogen. Bepaalde geuren ruiken opeens veel sterker en/of minder lekker.

      Het kan ook voorkomen dat geuren die eerst als minder prettig werden ervaren nu wel prettig gevonden worden.

       

      Adviezen bij reukvermindering of -verdwijning

      • Zorg voor zoveel mogelijk frisse lucht, zet een raam open of doe een afzuigkap aan, tijdens het koken en/of het eten. Laat indien mogelijk iemand anders koken.
      • Er komen minder geuren vrij, als u het eten in de magnetron bereid of als u kant en klare maaltijden gebruikt. Bovendien vergt het minder van uw tijd, dit kan een uitkomst bieden als u zich niet lekker voelt of vermoeid bent.
      • Probeer de geur van producten, die misselijkheid veroorzaken of verergeren te vermijden. Dit kan bijvoorbeeld de geur zijn van parfum, eau de cologne, aftershave, sterk ruikende bloemen, schoonmaakmiddelen en waspoeder.

       

      Ten gevolge van de behandelingstherapieën bij kanker of door de ziekte zelf, is het mogelijk dat uw reukzintuig niet goed functioneert. Wanneer u niet goed meer kunt ruiken, proeft u het eten ook minder goed (net als bij een verstopte neus) met als gevolg dat u minder trek kunt hebben om te eten. Het is echter belangrijk om toch te blijven eten, ook al ruikt en smaakt het niet meer als voorheen.

       

      Meestal zijn reukveranderingen echter tijdelijk. Na afloop van de behandeling komt de reuk bij de meeste mensen weer terug.

       

      Adviezen:

      • Door goed te kauwen komen er voedseldeeltjes achter  op uw tong en verspreid de geur van het eten zich in de mond en keelholte. Hierdoor proeft u de gerechten beter.
      • Probeer uit of gerechten met een sterke smaak en geur zoals bami, nasi of spaghetti beter gaan.

       

      Variatiemogelijkheden

      Indien de warme maaltijd u tegenstaat, is het aan te raden om een vervanging te zoeken, omdat u anders veel voedingsstoffen mist.

      In plaats van een warme maaltijd kunt u een derde broodmaaltijd, een salade of een koude pasta gebruiken. Om door middel van deze vervangingen te kunnen voldoen aan alle benodigde voedingsstoffen, zou het wenselijk zijn als deze vervangingen bestaan uit tenminste één voedingsmiddel uit elk van de onderstaande 4 hoofdgroepen.

       

      Hoofdgroep 1.

      Brood en broodvervangers (beschuit, crackers, pap, roggebrood), aardappelen, rijst, pasta of peulvruchten

      Hoofdgroep 2.

      Groente en fruit

      Hoofdgroep 3.

      Melk en melkproducten (vla, kwark, yoghurt), kaas, vlees, vis, kip, ei of tahoe

      Hoofdgroep 4.

      Halvarine, margarine, roomboter of olie

       

      Als vlees u tegenstaat, is het verstandig wel een vervanging voor het vlees te nemen. Vlees bevat namelijk eiwit dat u nodig heeft voor de opbouw van de lichaamscellen.

       

       

      Vlees kunt u vervangen door:

      • vleeswaren zoals rollade, rosbief, ham of casselerrib

      • kip, bijvoorbeeld als drumsticks, kipnuggets, gerookte kipfilet in een salade

      • vis, zowel vers als uit blik of verwerkt in een salade

      • kaas; geraspt over de pasta, als kaasfondue of uit het vuistje

      • vegetarische produkten zoals tempeh, tahoe of sojaburger

      • eigerecht

       

      Meer informatie

      Heeft u nog vragen dan kunt u contact opnemen met de diëtist in het ziekenhuis, telefoonnummer: (0341) 463718.

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer