l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal Harderwijk

0341 - 463911

St Jansdal Lelystad

0341 - 463590

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8.30 - 12 u)

0341 - 463700

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Harderwijk: Medicamus Spoedpost  

0900 - 341 0 341

Website: Medicamus Spoedpost

 

Lelystad: huisartsenpost Medrie  

0900 - 333 6 333

Website: Huisartenpost Lelystad

 

 

 

Voorbereiden_Op-Opname

Varicocèle

Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Varicocèle

      Een varicocèle is er een spatader in de balzak. Bij een spatader zit er een verdikking in de ader.
       

      Spatader links gebruikelijk

      Een spatader in de balzak (varicocèle) zit eigenlijk altijd links. Dit heeft te maken met de manier waarop de ader van de linker bal is aangesloten.
      Onderzoek bij spatader rechts
      Heel soms ontstaat er een varicocèle aan de rechter kant. Verder onderzoek is dan nodig. Het kan een teken zijn van een tumor van de rechter nier.


       

      Klachten

      Mannen met een varicocèle hebben vaak een zwaar gevoel in de balzak. Vaak zijn mannen hier ongerust over. Soms wordt de zaadbal kleiner doordat de spatader op de zaadbal drukt. Het kleiner worden van de zaadbal noemen we atrofie. Een varicocèle die geen klachten geeft hoeft niet geopereerd te worden. Atrofie samen met pijn en een zwaar gevoel zijn vaak wel reden om te opereren.

      Een varicocèle zorgt niet voor onvrucht-baarheid. Wel hebben sommige mannen die minder vruchtbaar zijn een varicocèle. Er zijn aanwijzingen dat de vruchtbaarheid kan verbeteren als de varicocèle verholpen wordt.

       

      Onderzoek

      Tijdens een lichamelijk onderzoek kan de uroloog vaststellen of er een varicocèle is. Dit gebeurt door liggend en staand aan de zaadbal te voelen. 

      Soms is ook een echo van de balzak nodig. Hiervoor moet een afspraak worden gemaakt op de röntgenafdeling. Deze afspraak wordt door de assistente van de uroloog voor u gemaakt.
       

      Voorbereiding

      Deze ingreep vindt plaats onder algehele narcose of een ruggenprik (spinaal). Er moet van tevoren een gesprek plaats vinden met de anesthesist (narcotiseur). Deze afspraak wordt gemaakt door de assistente van de uroloog.
       

      Bloedverdunners

      Als u bloedverdunners gebruikt via de trombosedienst, dan moet u hier voor de operatie mee stoppen. Dit geldt voor de volgende medicijnen:

       

      Sintrom (acenocoumarol)
      drie dagen voor de behandeling

      Marcoumar
      vijf dagen voor de behandeling


      Bel van tevoren met de trombosedienst om door te geven welke operatie u krijgt. Zij kunnen u vertellen of u tijdelijk een ander middel moet gebruiken. Dit gaat dan meestal om spuitjes met heparine.

      Voor de andere bloedverdunners geldt het volgende:


       

      • Gebruikt u naast ascal (acetylsalicylzuur / carbasalaat calcium) ook persantin (dipyridamol) stopt u dan drie dagen voor de behandeling met de persantin.
      • Gebruikt u naast ascal (acetylsalicylzuur/ carbasalaat calcium) ook plavix (clopidogrel / iscover) stopt u dan drie dagen voor de behandeling met de plavix.

       

      Als u bent gestopt met acenocoumarol of fenprocoumon (marcoumar®) moet u voor de operatie bloed laten prikken. Zo kan de uroloog nakijken of uw bloed weer dik genoeg is. Dit is belangrijk. Anders verliest u teveel bloed bij de operatie. U heeft een aanvraagformulier nodig om bloed te kunnen prikken. Dit formulier heeft u meegekregen van de polikliniek urologie.

       

      De dag van de operatie gaat u eerst naar de bloedafname. Deze afdeling vind u  in de centrale hal van het St Jansdal. Naast de balie staat een apparaat waar u een nummer kunt trekken.

      Druk op de knop “cito” om een nummertje te trekken. U hoeft dan niet te lang te wachten.

      Alleen als u gestopt bent met acenocoumarol of fenprocoumon (marcoumar®) moet u bloed laten prikken. Als u bent gestopt met een andere bloedverdunner is dit niet nodig. 

      De dag na de operatie mag u uw medicijnen weer innemen. Als u nog veel bloed in de urine heeft moet u ons eerst bellen. Bel dan met de polikliniek urologie.
       

      Behandeling

      Er zijn verschillende behandelingen mogelijk voor een varicocèle.

      • Een kijkoperatie (laparoscopische operatie) via de binnenkant van de buik.
      • Er kan een veertje geplaatst worden in de ader. Hierdoor gaat de ader dicht. Dit veertje wordt ingebracht via de lies. Met behulp van röntgenbeelden wordt het veertje op zijn plek gebracht.
      • Meestal maakt de uroloog in de lies een kleine opening. Het bloedvat met de spatader wordt afgebonden. Daarna kan de uroloog speciale vloeistof inspuiten in het bloedvat. Door deze vloeistof worden ook de kleine vaatjes dichtgeschroeid.
         

      Wondcontrole

      Na ongeveer twaalf weken komt u op de polikliniek urologie voor controle.
       

      Tot slot

      Deze folder bevat algemene informatie. Het is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw uroloog. Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft kunt u ons bellen. Bel dan met de polikliniek urologie, telefoon
      (0341) 463558.


      Voor meer informatie op het gebied van urologie kunt u terecht op onze website:
      www.urologie.nl

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer