l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal Harderwijk

0341 - 463911

St Jansdal Lelystad

0341 - 463590

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Vragen over MijnStjansdal.nl (8.30 - 12 u)

0341 - 463700 

 

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Medicamus Spoedpost (Harderwijk) 

0900 - 3410341

Website Medicamus Spoedpost Harderwijk 

Voorbereiden_Op-Opname

Pyelumplastiek UPJ- stenose

Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Inleiding

      De uroloog heeft u verteld dat de urine van de nier niet goed genoeg kan doorlopen naar de blaas. Dit komt door een te smalle overgang tussen de urineleider (ureter) en het nierbekken (het pyelum). Dit noemen we een UPJ-stenose, waarbij stenose vernauwing betekent. Soms geeft zo’n vernauwing geen klachten en wordt deze bij toeval ontdekt. Maar de vernauwing kan ook leiden tot urineweginfecties en pijnklachten in de flank (zij/onderrug).
      Als de nier goed werkt en er geen pijnklachten zijn, kan er worden afgewacht. Anders kan een operatie nodig zijn om de vernauwing op te heffen.
       

      Voorbereiding

      De ingreep vindt plaats onder algehele narcose of een ruggenprik (spinaal). Er vindt van tevoren een gesprek plaats met de anesthesist (narcotiseur). Deze afspraak wordt gemaakt door de assistente van de uroloog.
       

       

      Bloedverdunners

      Als u bloedverdunners gebruikt via de trombosedienst, dan moet u hier voor de operatie mee stoppen. Dit geldt voor de volgende medicijnen:

       

      Acenocoumarol
      Stop drie dagen voor de operatie

       

      Fenprocoumon (Marcoumar®)
      Stop zeven dagen voor de operatie

       


      Bel van tevoren met de trombosedienst om door te geven welke operatie u krijgt. Zij kunnen u vertellen of u tijdelijk een ander middel moet gebruiken. Dit gaat dan meestal om spuitjes met heparine.

       

      Voor de andere bloedverdunners geldt het volgende:

       

      • Slikt u acetylsalicylzuur of carbasalaatcalcium (Ascal®) èn een andere
        bloedverdunner, stop dan zeven dagen voor de operatie met de andere
        bloedverdunner.
      • Slikt u Rivaroxaban (Xarelto®), Dabigatran (Pradaxa®) òf Apixaban
        (Eliquis®) stop dan een dag voor de operatie met dit middel.
      • Slikt u alleen alleen persantin òf plavix, bel dan met de polikliniek urologie. De
        uroloog kan u dan vertellen of u uw medicijnen in mag blijven nemen.

       


      Als u bent gestopt met acenocoumarol of fenprocoumon (Marcoumar®) moet u voor de operatie bloed laten prikken. Zo kan de uroloog nakijken of uw bloed weer dik genoeg is. Dit is belangrijk. Anders verliest u teveel bloed bij de operatie. U heeft een aanvraagformulier nodig om bloed te kunnen prikken. Dit formulier heeft u meegekregen van de polikliniek urologie.

      De dag van de operatie gaat u eerst naar de bloedafname. Deze afdeling vind u  in de centrale hal van het St Jansdal. Naast de balie staat een apparaat waar u een nummer kunt trekken. Druk op de knop “cito” om een nummertje te trekken. U hoeft dan niet te lang te wachten.


      Alleen als u gestopt bent met acenocoumarol of fenprocoumon (Marcoumar®) moet u bloed laten prikken. Als u bent gestopt met een andere bloedverdunner is dit niet nodig.

      Drie dagen na de operatie mag u uw medicijnen weer innemen. Als u nog veel bloed in de urine heeft, bel dan met met de polikliniek urologie via (0341) 463558.
       

      Tijdens de ingreep

      De operatie begint nadat de anesthesist voor de algehele narcose of ruggenprik heeft gezorgd. Op de operatiekamer wordt u in halve rug/zijligging neergelegd. Als eerste wordt een zogenoemde dubbel J katheter ingebracht. Dit is een dun slangetje dat door de urineleider van de nier naar de blaas gaat. Aan beide uiteinden van het slangetje zit een krul. Deze krullen houden het slangetje goed op zijn plek. Deze dubbel J zorgt ervoor dat de urine van de nier goed door kan lopen naar de blaas. Zo krijgt het geopereerde gebied rust. Meer informatie hierover vindt u in de aparte folder “JJ (dubbel J) katheter”. 

      Een pyelumplastiek vindt bij voorkeur laparoscopisch plaats. Dit wordt ook wel een kijkoperatie genoemd. De uroloog maakt hierbij een aantal kleine wondjes (incisies) in de huid. Zo ontstaan er een aantal gaatjes waardoor een camera en een aantal werkinstrumenten ingebracht kunnen worden. Op deze manier hoeft de uroloog geen grote wond te maken om bij de nier te komen. Als de nier is losgemaakt van het weefsel om de nier, kan de uroloog het vernauwde deel verwijderen. Hierna wordt de urineleider (ureter) opnieuw aangesloten op het nierbekken (pyelum).


       

      De ingreep duurt in totaal ruim twee uur. Heel soms ontstaan er tijdens de operatie complicaties. Ook is het soms niet mogelijk om het vernauwde deel van de nier via een kijkoperatie weg te halen. De uroloog zal dan alsnog overgaan op een “open” operatie. Hierbij ontstaat een grote wond en het herstel verloopt daardoor vaak iets langzamer.
       

      Na de ingreep

      Na de ingreep wordt u naar de uitslaapkamer (de recovery) gebracht. Daar blijft u tot u goed wakker bent. Als ook de controles van o.a. uw bloeddruk en hartslag goed zijn, gaat u weer terug naar de verpleegafdeling.

      Na de operatie zult u een infuus hebben. Hierdoor krijgt u vocht en eventueel medicijnen.
      U heeft een slangetje in uw rug (epiduraal) waardoor pijnstilling wordt gegeven.
      U heeft ook een blaaskatheter. Dit is een dun slangetje dat via de plasbuis naar de blaas gaat. Alle urine wordt via de katheter opgevangen in een zak. U hoeft dus niet zelf te plassen.
      Daarnaast heeft u in het operatiegebied een wonddrain. Dit is een dun slangetje. Via dit slangetje kan wondvocht uit het operatiegebied het lichaam verlaten.
      De uroloog bepaalt wanneer u weer mag eten en drinken. Door de operatie liggen uw darmen stil. Zij hebben na de operatie tijd nodig om weer op gang te komen.
      De tweede dag na de operatie wordt het slangetje in de rug (de epiduraal) verwijderd. U zult een andere vorm van pijnstilling krijgen.
      Als er niet veel wondvocht meer uit de wonddrain komt, mag deze eruit. De uroloog bepaalt wanneer dit is.
      Als u niet teveel pijn meer heeft en u weer goed uit bed kunt komen, wordt de blaaskatheter verwijderd.
      Drie dagen na de operatie mag u in principe weer starten met de bloedverdunners.

      Ongeveer een week na de operatie bent u genoeg opgeknapt om weer naar huis te gaan. U zult het vier tot zes weken wel rustig aan moeten doen. Dit betekent dat u in deze periode niet mag sporten of zwaar mag tillen. Daarnaast is het belangrijk om voldoende te drinken, ongeveer twee liter vocht per dag.

      De uroloog maakt tijdens de operatie gebruik van oplosbare hechtingen. Deze hoeven er dus niet uit gehaald te worden.
       

      Complicaties

      Zoals bij iedere operatie kunnen er ook bij de pyelumplastiek complicaties ontstaan.  Gelukkig komt dat bij deze operatie niet vaak voor. De belangrijkste complicaties zijn:

      • Lekkage van urine. Dit komt vaak vanzelf goed, maar kan wel een reden zijn om de wonddrain langer te houden.
      • Infectie van de urinewegen. Als er een infectie ontstaat krijgt u een antibioticakuur via de uroloog.
      • Wondinfectie. Dit komt maar heel zelden voor.
      • Heel soms kan de darm onbedoeld beschadigd raken.
      • Soms ontstaat er teveel littekenweefsel in het geopereerde gebied. Hierdoor kan er opnieuw een vernauwing ontstaan. Een nieuwe operatie kan dan nodig zijn.

       

      Klachten

      Neem bij de volgende klachten contact op met een arts:

      • Als u koorts heeft boven de 38,5°C,
      • als de wond veel lekt,
      • als u denkt dat u een urineweginfectie heeft (vaak plassen, branderig gevoel bij het plassen en hele sterke drang om te plassen).

       

      Tijdens kantooruren
      polikliniek urologie
      van 08.30 tot 12.30 uur en van 13.00 tot 16.30 uur (vrijdag tot 16.00 uur).
      Tel (0341) 463558
       
      Buiten kantooruren
      met de Huis Artsen Post (HAP)
      Tel  0900  341 0 341
      Graag eerst bellen!

       

      Controle

      Na ongeveer zes weken komt u voor controle bij de uroloog. De dubbel J die tijdens de operatie is achtergelaten zal dan tijdens een kijkonderzoek van de blaas (cystoscopie) worden verwijderd. Lees voor meer informatie hierover de folder “JJ (dubbel J) katheter verwijderen”.
       

      Tot slot

      Deze folder bevat algemene informatie. Het is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw uroloog. Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft, kunt u ons altijd bellen. Bel dan met de polikliniek urologie.

       

      Voor meer informatie op het gebied van urologie kunt u terecht op onze website: www.urologie.nl

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

       

      Uitgave:
      Patiëntencommunicatie
      Harderwijk, november 2014   CAZ UR 106.11.14

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer