l

Direct contact

Telefoonnummers

St Jansdal Harderwijk

0341 - 463911

St Jansdal Lelystad

0341 - 463590

Poli-Apotheek St Jansdal

0341 - 435858

Helpdesk MijnStjansdal (8.30 - 12 u)

0341 - 463700

Medische hulp buiten kantoortijden

Bij levensbedreigende spoed

112

Harderwijk: Medicamus Spoedpost  

0900 - 341 0 341

Website: Medicamus Spoedpost

 

Lelystad: huisartsenpost Medrie  

0900 - 333 6 333

Website: Huisartenpost Lelystad

 

 

 

Voorbereiden_Op-Opname

Benigne prostaathyperplasie

Inhoud van dit artikel
    Inhoud van dit artikel

      Deze folder heeft u gekregen na uw bezoek aan de uroloog. Deze folder geeft extra uitleg over de prostaat en afwijkingen aan de prostaat. Vooral de goedaardige vergroting van de prostaat wordt uitgelegd. Daarnaast krijgt u uitleg over de verschillende onderzoeken en behandelingen die mogelijk zijn. Deze folder geeft algemene informatie. Uw eigen situatie bespreekt u met uw uroloog. De uroloog bepaalt welke onderzoeken voor u van belang zijn. Ook bepaalt de uroloog samen met u de behandeling. Met sommige onderzoeken en behandelingen uit deze folder krijgt u dus mogelijk niet te maken.

       

      De prostaat

      Iedere man heeft een prostaat. De prostaat is een klier die meestal niet groter is dan een tamme kastanje. Hij weegt bij volwassen mannen ongeveer tussen de 20 en 30 gram. Deze klier bestaat uit drie kwabben. Deze kwabben liggen rondom de plasbuis (urethra) en onder de ingang van de urineblaas.
       
      De plasbuis loopt van de blaas tot aan het uiteinde van de penis. Op het plaatje ziet u dat de plasbuis (urethra) door de prostaat heen loopt. Als mannen ouder worden begint de prostaat te groeien. Dit heeft te maken met hormoonveranderingen. 

       

      Als de prostaat groeit kan deze de plasbuis in gaan groeien. De plasbuis die als een tunnel door de prostaat loopt wordt dichtgedrukt. U merkt dit doordat plassen moeilijker gaat.

       


      De volgende klachten kunt u hierdoor krijgen:

      • De urinestraal is minder krachtig. Het plassen kan tussendoor even stoppen en daarna verder gaan. (met persen wordt de straal niet sterker)
      • Niet goed kunnen beginnen met plassen
      • Vaker moeten plassen met weinig urine per keer
      • Hevige aandrang om te plassen en daarbij de plas niet lang op kunnen houden.
      • Nadruppelen en onbedoeld urine verliezen
      • ’s Nachts vaker moeten plassen
      • Een branderig gevoel bij het plassen
      • Gevoel hebben dat de blaas niet leeg komt

       

      Functie

      De prostaat is een klier. Klieren zijn organen die vocht aanmaken. De prostaat maakt het vocht dat samen met de zaadcellen naar buiten komt bij het klaarkomen (de zaadlozing). Het zaad samen met het vocht uit de prostaat noemen we sperma. De prostaat is vooral belangrijk voor de vruchtbaarheid. De zaadcellen worden aangemaakt in de zaadballen. Het prostaatvocht houdt de zaadcellen in leven tijdens hun tocht naar de eicel. De zin in seks en het stijf worden van de penis (erectie) worden niet geregeld door de prostaat.

       

      Afwijkingen

      Hieronder bespreken we verschillende aandoeningen aan de prostaat. Deze aandoeningen kunnen pijn veroorzaken of problemen bij het plassen. Onderzoek zal duidelijk moeten maken welke aandoening u heeft. Maakt u zich dus geen zorgen door wat u leest. U zult niet alle genoemde aandoeningen hebben. 
       

      Prostatitis
      Prostatitis is een ontsteking van de prostaat. Zo’n prostaatontsteking kan op elke leeftijd voorkomen. Door de ontsteking kan het prostaatweefsel tijdelijk dikker worden. Hierdoor kan de plasbuis dichtgedrukt worden.

       

       

      Plassen wordt dan moeilijker en soms ook pijnlijk. Het gebied tussen de balzak en de anus kan pijn doen. Vaak geeft dit een brandend gevoel.

       

      Klaarkomen kan pijn geven in het onderlichaam en in de liezen. Het plassen kan branderig zijn, maar dat hoeft niet.

       

      Om te weten welke bacterie de ontsteking veroorzaakt heeft wordt een urine- of spermakweek gemaakt.

       

      De uroloog kan antibiotica voorschrijven. Dit is meestal een kuur van een paar weken. Het is belangrijk om de kuur af te maken. Ook als de klachten al weg zijn. Soms worden de klachten pas minder als de hele kuur klaar is. 


      Prostaatpijn


      Bij prostaatpijn (prostatodynie) kunt u pijn hebben in het gebied tussen de balzak en anus. Deze pijn kan uitstralen naar de liezen of de geslachtsorganen (zie afbeelding). Het kan een brandende, trekkende, zeurende of bijtende pijn zijn. Soms ontstaan er problemen met plassen. Deze klachten zijn niet de hele tijd aanwezig, maar komen vaak met vlagen. U kunt ook perioden hebben waarin u geen klachten heeft. De pijn komt vooral voor bij kou, spanningen, alcoholgebruik, scherp gekruid eten en langdurig zitten.

      Bij prostaatpijn is de prostaat niet ontstoken, maar alleen geïrriteerd en soms gezwollen. Prostaatpijn komt op alle leeftijden voor. Toch komt het het meest voor bij mannen tussen de 35 en 50 jaar. Prostaatpijn is medisch gezien geen ernstige aandoening. Het heeft niks te maken met prostaatkanker en kan absoluut geen kwaad. Lastig is het wel.
      Het kan helpen om te weten in welke situaties de klachten ontstaan. Bijvoorbeeld als u zich niet fit voelt of bij kou of spanningen. Soms nemen de klachten af met behulp van medicijnen, een warm bad of rust.


      Prostaatvergroting
      De prostaat is klein bij jonge volwassenen. Naarmate mannen ouder worden groeit de prostaat. Dit komt door een verandering in onze hormonen naarmate we ouder worden. Bij mannen ouder dan vijftig kan de prostaat zo groot zijn dat er plasklachten ontstaan. Hoe hard de prostaat groeit verschilt van man tot man.

       

      Bij sommigen mannen neemt ook de spanning of druk in de prostaat toe. Niet iedere man krijgt klachten. De prostaat kan zowel naar buiten groeien als naar binnen. Hierdoor wordt de plasbuis smaller. Er kunnen dan problemen met plassen ontstaan. De blaasspier moet harder werken om de urine door de (te) smalle plasbuis te persen. Hierdoor wordt de blaasspier zwakker en de blaas kan wat uitgerekt raken. Soms lukt het de blaas dan niet meer om alle urine eruit te persen. Er blijft dan urine achter in de blaas. Dit noemen we residu.

       

      Zonder behandeling kunnen hierdoor later blaasontstekingen en problemen met de nieren ontstaan. Op de tekening ziet u de “jonge” prostaat (stippellijn) vergeleken met de vergrote prostaat.

      Deze prostaatvergroting noemen we goedaardig. Er is dus geen sprake van kanker. De klachten die bij een vergrote prostaat kunnen ontstaan zijn vaak vervelend. Ze vormen in principe geen gevaar voor de gezondheid.


      Prostaatkanker

      Er kan in de prostaat ook een kwaadaardig gezwel (tumor) ontstaan. Zo’n kwaadaardige aandoening van de prostaat noemen we prostaatkanker of prostaatcarcinoom. Zo’n gezwel ontstaat meestal niet in het midden van de prostaat, maar aan de rand. De meeste vormen van prostaatkanker groeien langzaam.

       

      Prostaatkanker komt bij jonge mannen niet vaak voor.

       

      Praten over prostaatproblemen

      Problemen met de prostaat komen veel voor. Sommige mannen praten niet graag over problemen met de prostaat. Zij schamen zich soms voor hun klachten. Dit is niet nodig. Bespreek uw klachten zo eerlijk mogelijk met uw uroloog. Des te beter kan hij u helpen zoeken naar een oplossing.

       

      Soms houdt de angst voor prostaatkanker mannen tegen om over hun klachten te praten. Toch is het belangrijk uw klachten te bespreken. Een deel van de zorgen kan misschien al snel worden weggenomen. Prostaatkanker hoeft niet de oorzaak van de klachten te zijn.

       

      Wat is er aan de hand?

      Bij de uroloog

      Urologie is het specialisme dat gaat over de mannelijke geslachtsorganen en over de urinewegen. De uroloog zal tijdens uw bezoek vragen naar uw klachten. Ook andere gezondheidsproblemen en uw medicijngebruik worden besproken. Probeer zo duidelijk mogelijk te vertellen wat uw klachten zijn. Dit helpt uw uroloog bij het vinden van de oorzaak. Naast een gesprek kunnen er onderzoeken plaatsvinden. Welke onderzoeken in uw geval nodig zijn zal de uroloog met u bespreken.
       

      Vragen over plasklachten

      Veel urologen werken met een speciale vragenlijst over plasklachten. Deze lijst noemen we de internationale prostaat symptoom score. U kunt de lijst thuis invullen en meenemen naar uw afspraak. Er staan verschillende vragen over uw plaspatroon in. Dit helpt de uroloog om een duidelijk beeld te krijgen van uw klachten. Soms laat de uroloog u de lijst opnieuw invullen na een start met medicijnen of een operatie. Zo kan hij zien of de behandeling gewerkt heeft.

       

      Onderzoeken

      Rectaal onderzoek

      Bij het rectaal onderzoek wordt er van binnen aan de prostaat gevoeld. De prostaat ligt tegen het laatste stukje van de darm aan. De uroloog gaat voorzichtig met een vinger via de anus naar binnen. Zo kan hij of zij naar de buitenkant van de prostaat voelen. Dit geeft informatie over de grootte van de prostaat. Ook kan de uroloog zo voelen of er harde plekken in de prostaat zitten. Het onderzoek duurt maar kort. Echt pijnlijk is het meestal niet. Wel vinden veel mannen het een vervelend gevoel.
       

      Bloed- en urineonderzoek

      Vaak wordt er voor een bezoek aan de uroloog bloed geprikt. Dit bloedonderzoek geeft informatie over uw gezondheid en de werking van uw nieren. Daarnaast kan de PSA waarde bepaald worden. PSA staat voor Prostaat Specifiek Antigeen. Dit is een stofje dat door de prostaat gemaakt wordt. Het PSA kan verhoogd zijn bij prostaatontsteking, prostaatvergroting en prostaatkanker. Naarmate mannen ouder worden groeit de prostaat. Daarmee zal ook de PSA waarde stijgen. Soms stijgt de waarde harder dan verwacht. Dit kan een teken zijn van een prostaatontsteking of prostaatkanker. Verder onderzoek kan dan nodig zijn.
      De urine kan opgevangen worden voor onderzoek. Heel soms wordt ook het sperma onderzocht.
       

      Straalmeting

      U kunt gevraagd worden om met een volle blaas te komen. De uroloog wil uw bezoek dan beginnen met een straalmeting. Een straalmeting wordt ook uroflowmetrie genoemd. De flowmeter is een instrument dat de kracht van de urinestraal meet. Ook meet de flowmeter hoeveel urine er uitgeplast wordt. De flowmeter staat in een aparte ruimte. U mag uitplassen boven de flowmeter. Daarna wordt er met een soort echo apparaat gemeten of de blaas leeg is.
       

      Echografie

      Echografie is een onderzoek met behulp van geluidsgolven. Door middel van deze geluidgolven kan een orgaan in beeld worden gebracht. Door de buik heen kunnen zo bijvoorbeeld de nieren en blaas worden bekeken. Dit noemen we een uitwendige echo.
      De prostaat kun je met een uitwendige echo niet in beeld brengen. Een echo van de prostaat gebeurd met behulp van een vingerdik apparaat. Deze wordt voorzichtig via de anus ingebracht in het laatste stukje van de darm. Dit noemen we daarom een inwendige echo. Het inbrengen van het apparaat kan gevoelig zijn. Bij het inbrengen wordt speciale gel gebruikt. Zo heeft u hier zo min mogelijk last van.
       

      Cystoscopie

      Bij een cystoscopie worden de plasbuis en de blaas van binnen bekeken. Dit doen we met een dun, buigzaam slangetje waar een camera aan vast zit. Dit noemen we een cystoscoop. De cystoscoop wordt voorzichtig via de plasbuis ingebracht tot aan de blaas. Zo kunnen we kijken hoe de plasbuis door de prostaat loopt.

       

      Van tevoren wordt glijmiddel met een licht verdovend stofje ingebracht. Zo voelt u hier zo min mogelijk van. De meeste mannen vinden het onderzoek eerder ongemakkelijk dan pijnlijk.

       

      Behandeling van prostaatvergroting

      Veel plasklachten bij mannen zijn het gevolg van een vergrote prostaat. Als duidelijk is dat dit de oorzaak is zal de uroloog een behandeling met u afspreken. Er zijn verschillende behandelingen mogelijk. De ernst van uw klachten bepaalt voor een groot deel de behandeling.
       

      Behandeling met medicijnen

      Er zijn verschillende medicijnen op de markt die kunnen helpen bij het plassen. Deze medicijnen kunnen we grofweg in twee groepen verdelen:

      • Alpha-1-blokkers. Deze medicijnen helpen de spieren in de blaas en de prostaat ontspannen. De plasbuis krijgt hierdoor meer ruimte. Hierdoor kunt u makkelijker plassen. De klachten worden meestal binnen een paar weken minder.
      • 5-alpha-reductase-remmers. Deze medicijnen zorgen ervoor dat de prostaat weer kleiner wordt. De plasbuis wordt hierdoor minder dicht gedrukt door de prostaat. Pas na een maand of drie gaan deze medicijnen verschil maken. U zult het middel dus langer moeten gebruiken.

       

      Plantenextracten hebben geen duidelijke bewezen werking bij prostaatafwijkingen. Wel kunnen ze bepaalde klachten verminderen.
       

      Opereren

      Soms is een operatie nodig om u van uw klachten af te helpen. Er zijn dan verschillende operatietechnieken mogelijk. Uw uroloog bespreekt met u welke techniek in uw geval geschikt is. Dit hangt af van de grootte van de prostaat. Meestal kan er een laser TURP plaats vinden.
       

      GreenLight Laser TURP
      De letters TURP staan voor: Trans Urethrale Resectie van de Prostaat. Transurethraal betekent: door de plasbuis. Resectie betekent: weghalen. De uroloog gaat dus via de plasbuis naar binnen om prostaatweefsel weg te halen. De urologen in het St Jansdal gebruiken hiervoor de GreenLight Laser.
      Bij deze operatie wordt een hol buisje ingebracht via de plasbuis. Door deze buis brengt de uroloog de laser in tot aan de prostaat. Met deze laser wordt het prostaatweefsel weggehaald dat de plasbuis ingegroeid is. De laser zorgt ervoor dat dit weefsel als het ware verdampt. Op deze manier ontstaat er weer genoeg ruimte om goed te kunnen plassen. 
       

      Open prostatectomie
      Bij een open prostatectomie gaat de uroloog niet via de plasbuis naar binnen. De uroloog maakt een opening onder in de buik. Via deze weg kan hij met de wijsvinger bij de prostaat komen. De buitenkant van de prostaat wordt opengemaakt. De uroloog kan nu met de wijsvinger prostaatweefsel weghalen. Hierbij wordt al het klierweefsel dat de plasbuis dichtdrukt weggehaald. De rest van de prostaat blijft aanwezig. Voor deze operatie wordt meestal gekozen als het gaat om een hele grote prostaat. Er kan dan met de laser TURP niet genoeg weefsel worden weggehaald.
       

      Voor de operatie
      Deze ingreep vindt plaats onder algehele narcose of een ruggenprik (spinaal). Er moet van tevoren een gesprek plaatsvinden met de anesthesist (narcotiseur). Deze afspraak wordt gemaakt door de assistente van de uroloog.
       

      Bloedverdunners
      Als u bloedverdunners gebruikt via de trombosedienst, dan moet u hier voor de operatie mee stoppen. Dit geldt voor de volgende medicijnen:

      Acenocoumarol: stop 3 dagen voor de operatie
      Fenprocoumon (Marcoumar®): stop 7 dagen voor de operatie

       

      Bel van tevoren met de trombosedienst om door te geven welke operatie u krijgt. Zij kunnen u vertellen of u tijdelijk een ander middel moet gebruiken. Dit gaat dan meestal om spuitjes met heparine.

       

      Voor de andere bloedverdunners geldt het volgende:

      • Slikt u acetylsalicylzuur of carbasalaat calcium (Ascal®) èn een andere bloedverdunner, stop dan 7 dagen voor de operatie met de andere bloedverdunner.
      • Slikt u Rivaroxaban (Xarelto®), Dabigatran (Pradaxa®) òf Apixaban (Eliquis®) stop dan 1 dag voor de operatie met dit middel.
      • Slikt u alleen alleen persantin òf plavix, bel dan met de polikliniek urologie. De uroloog kan u dan vertellen of u uw medicijnen in mag blijven nemen.

       

      Als u bent gestopt met acenocoumarol of fenprocoumon (marcoumar®) moet u voor de operatie bloed laten prikken. Zo kan de uroloog nakijken of uw bloed weer dik genoeg is. Dit is belangrijk. Anders verliest u teveel bloed bij de operatie. U heeft een aanvraagformulier nodig om bloed te kunnen prikken. Dit formulier heeft u meegekregen van de polikliniek urologie.

       

      De dag van de operatie gaat u eerst naar de bloedafname. Deze afdeling vindt u in de centrale hal van het St Jansdal. Naast de balie staat een apparaat waar u een nummer kunt trekken. Druk op de knop “cito” om een nummertje te trekken. U hoeft dan niet te lang te wachten.

       

      Alleen als u gestopt bent met acenocoumarol of fenprocoumon (marcoumar®) moet u bloed laten prikken. Als u bent gestopt met een andere bloedverdunner is dit niet nodig.

       

      Drie dagen na de operatie mag u uw medicijnen weer innemen. Als u nog veel bloed in de urine heeft moet u ons eerst bellen. Bel dan met de polikliniek urologie.
       

      De dag van de operatie
      Op de dag van de operatie wordt u opgenomen in het ziekenhuis. Dit is meestal ongeveer twee uur voor de operatie. Op de afdeling zult u eerst een kort gesprek hebben met een verpleegkundige. Zij zal u uitleggen wat er die dag gaat gebeuren.

       

      De operatie vindt plaats in de operatiekamer. Als het tijd is wordt u door de verpleegkundige van de afdeling naar de operatiekamer gebracht. Daar spreekt u de uroloog nog voordat u de ruggenprik of algehele verdoving (narcose) krijgt.
       

      Na de operatie

      Als de operatie klaar is wordt u naar de uitslaapkamer (recovery) gebracht. Hier controleren ze regelmatig uw bloeddruk, pols en het zuurstofgehalte in uw bloed. U heeft nog een infuus. Hierdoor krijgt u extra vocht. Ook kunnen ze u via het infuus medicijnen geven. Daarnaast heeft u een katheter. Dit is een slangetje dat door de plasbuis naar de blaas gaat. Via deze katheter wordt de blaas geleegd. Deze katheter is nodig om de wond rust te geven. Ook kan via de katheter de blaas gespoeld worden met steriel water. Zo kunnen bloedstolsels uit de blaas worden gespoeld.
      Als u goed wakker bent en alle controles goed zijn mag u terug naar de afdeling. U wordt weer opgehaald door een verpleegkundige van de verpleegafdeling.
       

      Na een laser TURP mag de katheter er meestal de dag na de operatie uit. Bij een open prostatectomie na drie tot zeven dagen. Het infuus mag er meestal de dag na de operatie uit. Dit geldt na beide operaties.

       

      Het is normaal dat u de eerste dagen na de operatie bloed en soms stolsels in uw urine kunt zien. Zo lang u goed kunt plassen kan dit geen kwaad. Het is belangrijk om veel te drinken. Het advies is ongeveer twee liter (thee, water etc.) per dag en bij warm weer nog meer. Zo spoelt u de blaas zelf door. Op deze manier kunnen het bloed en de stolsels eruit. Dit helpt bij de genezing.

       

      Soms lukt het niet goed meer om te plassen. Er kan een bloedstolsel in de weg zitten in de plasbuis. Neem dan contact met ons op. Soms moet de blaas dan weer gespoeld worden met steriel water. Dit probleem zien we het meest zo’n twee tot drie weken na een laser TURP. 
       

      De herstelperiode
      Na zes tot acht weken is de wond in de plasbuis genezen. U moet veel blijven drinken om de blaas goed door te spoelen. Soms hebben mannen in deze periode moeite om de plas op te houden. U kunt zelfs al wat urine verliezen voor u bij het toilet bent. Sommige mannen moeten vaak plassen en plassen dan kleine beetjes. Dit is een tijdelijk probleem. Het verdwijnt als de operatiewond in de plasbuis is genezen.
      In de eerste maanden na de operatie kunt u bloed en stukjes weefsel plassen. Dit heeft te maken met korstjes die loslaten in de prostaat. U hoeft hier niet van te schrikken. Neem rust en drink veel. De urine wordt dan snel weer helder.
      Neem contact met ons op als de urine een paar dagen lang donkerrood blijft.

       

      De eerste drie tot zes weken is het beter dat u:

      • geen alcohol drinkt
      • geen zware lichamelijke arbeid verricht
      • niet fietst
      • niet perst bij ontlasting
      • geen seks heeft


      Wat kunt u na de operatie verwachten?
      Sommige mannen zijn bang dat de operatie hun seksleven beïnvloedt. Ze zijn bang dat de penis niet meer goed stijf wordt (de erectie). Ook angst dat de zin in seks afneemt komt voor. Hier is meestal geen sprake van. Een paar maanden na de operatie zijn meestal de erectie en de zin in seks weer zoals voor de operatie. Het orgasme (klaarkomen) zal nog hetzelfde voelen. Wel is het vaak een “droog orgasme”. Dit wel zeggen dat het sperma bij het klaarkomen in de blaas terecht komt. Het wordt later uitgeplast. Dit kan absoluut geen kwaad.  Ook wil het niet altijd zeggen dat u niet vruchtbaar meer bent. Houdt hier dus rekening mee als u geen kinderwens meer heeft.
      Plasproblemen zijn een paar maanden na de operatie meestal verdwenen. Het plassen gaat weer makkelijker. De aandrang is makkelijker uit te stellen en u hoeft niet meer zo vaak te plassen.

       

      Deze folder bevat algemene informatie. Het is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw uroloog. Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft kunt u ons bellen. Bel dan met de polikliniek urologie. Deze afdeling is te bereiken op telefoonnummer (0341) 463558.

      Voor meer informatie op het gebied van urologie kunt u terecht op onze website: www.urologie.nl

       

      De informatie op deze website is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kunnen geen rechten aan de vermelde informatie ontleend worden. Meer informatie https://www.stjansdal.nl/disclaimer